article
1.6667985
In innovatieparken steek je geld om op lange termijn groei te bereiken, niet om snel meer banen te zien.
Opinie | Geduld is een schone zaak bij investeren in hightech
In innovatieparken steek je geld om op lange termijn groei te bereiken, niet om snel meer banen te zien.
http://www.tubantia.nl/extra/opinie/jaap-beernink/opinie-geduld-is-een-schone-zaak-bij-investeren-in-hightech-1.6667985
2016-11-22T10:07:00+0000
http://www.tubantia.nl/polopoly_fs/1.6165638.1467639777!httpImage/image-6165638.jpg
Jaap Beernink,opinie
Jaap Beernink
Home / Extra / Opinie / Jaap Beernink / Opinie | Geduld is een schone zaak bij investeren in hightech

Opinie | Geduld is een schone zaak bij investeren in hightech

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Fotograaf
    In innovatieparken steek je geld om op lange termijn groei te bereiken, niet om snel meer banen te zien. 

    Het Financieele Dagblad heeft een week geleden de FD Gazellen van Oost-Nederland bekendgemaakt. Het betreft een jaarlijkse competitie waarbij awards worden uitgereikt aan ondernemingen die de afgelopen drie jaar een omzetgroei van ten minste 20 procent hebben gehaald. De uitreiking pakte dit jaar verrassend uit in ons deel van het land. Althans, zo op het eerste gezicht.

    Zo kopt het FD dat de Oost-Nederlandse innovatieparken nog nauwelijks groeibedrijven opleveren met hun inzet op technologie. Er blijken vrijwel geen groeiers te zijn gevestigd op deze parken. Groeiers treft het FD vooral onder groothandels, ICT-dienstverleners, adviesbureaus en softwareontwikkelaars, maar dus niet echt in het hightechdomein.

    Groeifase
    Paniek! Tenminste, dat gevoel krijg ik als ik in het artikel de reacties lees van de heren Scheffer en Föllings, respectievelijk gedeputeerde van de provincie Gelderland en directeur innovatie van Oost NV, de onwikkelingsmaatschappij voor Oost-Nederland. Die reacties verbazen mij. Allereerst lijken ze te denken dat een start-up per definitie in een groeifase terechtkomt. Maar een start-up is vooral aan het experimenteren en nog niet aan het groeien. Een valide en schaalbaar businessmodel moet nog gevonden worden en de kans dat dat lukt, blijkt in de praktijk klein.

    Als de start-up echter in die volgende (groei)fase komt dan heeft hij andere zaken nodig. Denk aan toegang tot marktkanalen en kapitaal. Als deze zaken echter onvoldoende voorhanden zijn dan blijft groei achterwege, wordt het bedrijf vroegtijdig opgekocht of vertrekt het naar een omgeving waar die zaken wel te vinden zijn om daar vervolgens te groeien.

    Bijeffect
    Nog opvallender vind ik het dat Scheffer en Föllings inzoomen op het (niet) scheppen van banen en daarbij helemaal voorbijgaan aan het feit dat dit niet het doel is van een onderneming. Het is een gewenst bijeffect als het goed gaat. Idealiter verkrijgt een onderneming omzetgroei uit een verhoging van toegevoegde waarde en/of een groei van het aantal klanten. Omzetgroei bereik je echter niet op de eerste plaats door het aannemen van personeel. Omzetgroei zal, als deze duurzaam is, uiteindelijk wél altijd resulteren in nieuwe banen. ASML telt niet voor niks een kleine 15.000 medewerkers.

    Verstikkend
    Zouden we op basis van de reacties van beide heren in het FD de conclusie kunnen trekken dat goedbedoelde overheidsinitiatieven, gericht op het realiseren van groeiende technologiebedrijven, juist tegenovergesteld werken? Ik ben benieuwd of zij met al hun support, gestuurd door een ontembare drang om banen te scheppen, niet alleen een warme maar uiteindelijk ook een verstikkende deken aan technologiebedrijven bieden. En zijn de overheden dan niet juist verantwoordelijk voor het achterblijven van groeiers in de misschien wel meest kansrijke sector? Het zijn vragen, die opborrelen en die zomaar eens met 'ja' beantwoord zouden kunnen worden.

    Investeren in innovatie doe je voor groei op de lange termijn en niet om op korte termijn veel meer banen te zien ontstaan. Je investeert om een duurzame motor voor de economie te creëren. Om zover te komen hebben we visie en geduld nodig, maar geen paniekvoetbal. En neemt u van mij aan: dan komen die banen in de hightech(maak)industrie uiteindelijk in groten getale.