Volledig scherm

Petitie tegen Twentse leesmethode

TWENTE - De Amsterdamse ontwikkelingspsycholoog Ewald Vervaet biedt een onderwijscommissie petitie aan tegen Twentse methode om kleuters letters te leren. ‘Pervers’ vindt hij dat. “Je moet wachten tot de kinderen aan het lezen toe zijn. Anders loop je zelfs het risico op dyslexie.” De Twentse initiatiefnemers zijn op hun beurt hevig ontstemd over de aantijgingen en vinden de psycholoog ‘een vreemd figuur dat handelt in strijd met de belangen van het kind’. De Twentse methode krijgt navolging in het gehele land.

De Twentse ‘leesmethodiek’ voor kleuters is uiterst omstreden. Pervers, zegt Ewald Vervaet. Vandaar dat hij de lesmethode te vuur en te zwaard bestrijdt. Dat leidde onlangs tot de aanbieding van een petitie aan de Onderwijscommissie van de Tweede Kamer. Hij wil dat de commissie de Twentenaren stopt. Of hem dat lukt, is maar de vraag.

Ad Kappen, een van de initiatiefnemers van de Twentse leesmethode, is hevig ontstemd over het aanbieden van die petitie. “Onderwijsminister Marja van Bijsterveldt staat achter ons en onze methode.”

Volgens hem is het aanbieden van letters aan kleuters een taak van de basisschool. “Wanneer je daar pas in groep 3 mee begint, heb je een enorme achterstand.”

Kappen noemt Vervaet ‘een vreemd figuur dat handelt in strijd met de belangen van het kind’. De Twentse methode wordt inmiddels op veertig basisscholen aangeboden en krijgt navolging in het land. Vervaet: “Ik ben echt heel boos. Die genoemde achterstand is slechts schijn. Na een paar jaar is er geen verschil meer in leesniveau tussen de kinderen die eerder of later met de letters begonnen.” Volgens de psycholoog is het effect van de methode niet gemeten en getoetst.

Tweespalt over vroeg leren lezen

-”Kinderen zijn pas aan lezen toe in groep 3”, stelt psycholoog Vervaet. De Twentenaren vinden: hoe eerder je begint, hoe beter.

De ontwikkeling van een kind gaat in fases en de meeste kinderen zijn pas aan lezen toe als ze in groep 3 zitten. Dan leren ze lezen in 40 uur, terwijl de kleuters in Twente er 350 uur aan besteden. “Zonde van de tijd. Bovendien zijn ze die letters na een maand vergeten.” De Amsterdamse ontwikkelingspsycholoog stelt zelfs dat kinderen dyslectisch kunnen worden als ze te vroeg in aanraking komen met letters. Vervaet schreef meerdere boeken over de ontwikkelingspsychologie van kinderen.

Het Twentse kamp denkt er anders over. Ad Kappen: “Het is pure onzin dat Vervaet beweert dat kinderen een grotere kans hebben dyslectisch te worden als ze vroeg leren lezen. Dyslexie is aangeboren en een neurologische afwijking. Je hebt het of je hebt het niet. Dat is bewezen.”

Hij heeft een ferme medestander in lector Kees Vernooy van de Hogeschool Edith Stein in Hengelo. Ook hij is verontwaardigd: “Sommige leerkrachten vinden het wel mooi wat meneer Vervaet beweert. Die zegt: ‘Niks doen in groep 1 en 2’, dus doen ze niets. Hij baseert zich helemaal niet op de wetenschap. Je hebt altijd van die vreemde types. Als ze maar aandacht krijgen. Ik word zo boos op dat soort figuren, die handelen in strijd met het belang van het kind. Wanneer kinderen problemen hebben met lezen moet je daar zo vroeg mogelijk bij zijn.”

Kappen heeft eerder met dit bijltje gehakt: “Er is wel vaker kritiek geweest. Dat we te veel de nadruk leggen op het leren lezen en te weinig op de persoonlijke ontwikkeling. Maar die twee kunnen ook naast elkaar bestaan. Als jij niet kunt lezen heb je een enorme achterstand in de maatschappij. Het is de belangrijkste opdracht die de basisscholen hebben. Goed leren lezen begint al bij groep 1. Sommige kinderen komen uit een bepaald taalmilieu, waarin de ouders al veel bezig zijn met letters en taal. Maar dat geldt natuurlijk lang niet voor iedereen.”

”Vervaet heeft onze lesmethode gruwelijk uit zijn verband getrokken. De kinderen zijn niet dagelijks een vol uur met letters bezig. Wij bieden zestien letters aan in twee jaar. Ze zitten echt niet stijf in de bankjes en er wordt niet de gehele dag geoefend. Af en toe worden gewoon de letters behandeld. Op die manier worden de kinderen voorbereid op goed leren lezen in groep 3. Nu weten ze al: die letter is een bepaald tekentje en die staat ergens voor. Het is echt niet zo dat de kinderen worden mishandeld!”

Kappen weet dat de betreffende kinderen en leerkrachten enthousiast en positief zijn. ”Een mooi voorbeeld is Drakensteyn in Enschede. In het begin was er ontzettend veel weerstand. Nu zijn de kinderen en hun ouders alleen maar trots.”

’Vooral de s van Sinterklaas vinden de kleuters een leuke letter’

”Wie weet er een dier? Een koe, goed zo. Hoeveel klapjes heeft een koe? Wijs maar aan. Ja, één klapje.” De kinderen van groep 2 van de christelijke basisschool Drakensteyn in Enschede klappen allemaal tegelijk in de handen. Een klap staat voor één lettergreep. ”En een olifant?”, vraagt juf Nynke Bosman. “Goed zo, drie klapjes.” Drie keer gaan alle handen op elkaar. Drakensteyn is één van de scholen waar de kinderen al vanaf groep 1 bezig zijn met letters. Leren lezen doen ze nog niet. Dat komt pas in groep 3. Maar als de kinderen in die groep komen kennen ze al wel alle letters. Al is er aan bepaalde letters, zoals de q en de x, lang niet zoveel aandacht besteed als aan letters als de e en de b. “Die worden nou eenmaal niet vaak gebruikt”, legt de juf van groep 2 uit. Zij is het niet eens met de kritiek dat kleuters nog niet toe zijn aan het leren van letters en dat de tijd die ze daar mee bezig zijn beter anders kan worden besteed. “We hebben elke dag een lesje van een halfuur. Steeds met andere oefeningen. De kinderen vinden het heel leuk om te doen en merken niet eens dat ze aan het leren zijn. Het gaat echt spelenderwijs. Vooral de s van Sinterklaas vinden ze leuk. Ik merk dat ze er echt aan toe zijn. Op deze manier hebben ze een mooie overgang van groep 2 naar groep 3, omdat ze vertrouwd zijn met de letters.”

De kleintjes zitten in een kring om juf Nynke en vinden het zo interessant dat ze op het puntje van hun bankje zitten en de kaarten met letters en afbeeldingen geen seconde uit het oog verliezen. Ook als de juf iemand aanwijst om het antwoord te geven, roept de helft van de klas enthousiast het antwoord. Juf Nynke begint aan de laatste oefening van deze ochtend. “Wie heeft de letter s in zijn naam? Ga maar staan.” Vijf kinderen gaan voor hun bankje staan. Het zijn Cas, Jesse, Christian, Lisanne en Sem. “Goed hoor!”

Een meisje vraagt of Celine niet moet gaan staan. “Nee”, zegt de juffrouw. “Celine is heel slim. Die weet dat de eerste letter van haar naam een c is.”

Slim is ook Christian, die opnieuw gaat staan als de letter h aan de beurt is. Zelfs de juf moet even nadenken. “Goed zo Christian, je hoort de letter h niet in jouw naam, maar hij zit er inderdaad wel in!” Het compliment laat het jongetje glunderen van oor tot oor.

’Ik wil de discussie op gang brengen’

Tegenstander Vervaet legt uit waarom hij de petitie heeft overhandigd aan de Onderwijscommissie, die zich bezig houdt met zaken als lerarenbeleid, onderwijstijd en studiefinanciering. De commissie voert overleg met de minister en de staatssecretaris. “Ik wil de discussie over dit onderwerp op gang brengen. Op cursussen die ik gaf hoorde ik keer op keer geluiden uit de onderwijswereld. Veel leerkrachten vinden dat leren lezen pas thuishoort in groep 3. Maar ze hebben vaak het gevoel met de rug tegen de muur te staan omdat de eisen steeds verder worden opgeschroefd. Als ze daar niet aan voldoen krijgen ze negatieve beoordelingen van de inspectie. Wij willen laten weten dat we zeer ongerust zijn over de tweespalt die is ontstaan tussen het gemaakte beleid en de opvattingen van de mensen die dat beleid moeten uitvoeren, namelijk de directeuren en de leerkrachten van de basisscholen. De petitie gaat over het rekening houden met de ontwikkelingsfasen van een kind. Maar het spitst zich toe op het niet te vroeg aanbieden van letters. Dat is de twistappel.”

In de petitie wordt de zorg uitgesproken dat kleuters er nog niet klaar voor zijn. Volgens ontwikkelingspsycholoog Ewald Vervaet, schrijver van het boek Het raadsel intelligentie, wat kan jouw kind tussen 0 en 8? maakt een kind van geboorte tot ongeveer 6,5 jaar veertien fasen door. Vooruitlopen op die stappen heeft geen zin. “Als een kind eraan toe is, in fase 14, kan het in gemiddeld veertig uur alle letters leren en lezen.”

Leren lezen is cruciaal. Vervaet is de laatste om dat te betwisten. “Het gaat mij erom dat je kinderen er niet te vroeg mee moet laten beginnen. Het kost veel te veel tijd. Ik heb uitgerekend dat de kleuters in Twente 350 uur met letters bezig zijn. Terwijl leren lezen maar veertig uur kost als ze er klaar voor zijn. Ik geloof best dat ze het leuk vinden, maar er zijn genoeg dingen waar ze evenveel plezier aan kunnen beleven zoals rijmen, tekenen of zingen.”

’Pervers’ vindt Vervaet het om kleuters zoveel uren bezig te laten zijn met letters en klanken. “En dat ze anders een achterstand zouden hebben in groep 3? Dat is een schijnachterstand. Ja, ze kennen zestien letters. Maar dat betekent niet dat ze kunnen lezen! Voortijdig letters aanbieden zorgt er niet voor dat kinderen een halfjaar of jaar eerder kunnen lezen. Als je twee kinderen van zes jaar en tien maanden hebt en de ene kent zestien letters en de ander nul, dan zal de eerste eerder leren lezen. Hij heeft een voordeel en zal eerder zijn eerste woordje vormen, bijvoorbeeld lam. Maar na een paar jaar is dat voordeel verdwenen en lezen ze allebei op hetzelfde niveau. Ik vind dat zo’n methode pas mag worden gebruikt als het effect is gemeten en getoetst. En dat is niet gebeurd.”

Kinderen van nu heel anders

Lector Kees Vernooy van Hogeschool Edith Stein, autoriteit op het gebied van lezen en schrijven, heeft een duidelijke mening: “Je kunt de kinderen van nu niet vergelijken met de kinderen van vijftig jaar geleden. Dus je moet ze op een andere manier behandelen. Kinderen raken tegenwoordig eerder vertrouwd met letters, omdat ze al jong achter de computer zitten. Daar moet je je ogen niet voor sluiten. De opvattingen van Vervaet schaden de belangen van kinderen juist en dat is zorgelijk.”