Twente heeft een fitte Brama nog nodig

Hij liep afgelopen zaterdag weer eens door de mixed-zone bij FC Twente. Een paar uur nadat hij in de krant het stilzwijgen had doorbroken, was Wout Brama daar. Keurig in het pak van de club, als teken dat hij nog hij nog altijd onderdeel is van de selectie.

Velen hadden hem al opgegeven en afgeschreven en vonden/vinden dat Twente wel zonder de corrector van de laatste jaren kon/kan. Brama was vorig seizoen zelfs een van de meest bekritiseerde spelers van de club. Hij stond symbool voor het spel van de vertraging, zo meenden de criticasters. Brama was het vleesgeworden balletje breed, riepen weer anderen. En ja, af en toe kreeg je ook de indruk dat hij toe was aan een nieuwe horizon. Aan een prikkelende uitdaging in een andere competitie na al die jaren van trouwe dienst.


Toen hij geblesseerd was en Twente als een tierelier draaide, werd zijn naam nog maar zelden genoemd. Het nieuwe middenveld van Twente was speels, attractief, avontuurlijk. Wie miste de aanvoerder eigenlijk nog? Brama moest wel heel veel progressie tonen, wilde hij straks nog weer in de ploeg komen. Maar dat was in het begin, toen alles nog rimpelloos verliep en de spelers als jonge honden zonder enige druk over het veld dartelden.


Afgelopen zaterdag - nadat het elftal voor de derde keer op rij na rust ontspoorde - werd nog eens duidelijk dat dit Twente geen leider heeft. Want wie pakt de ploeg bij de kladden op de momenten dat het tegenzit? Wie houdt het team bij elkaar bij tegenwind en wie heeft het vermogen een wedstrijd te lezen? Het jonge, onervaren middenveld verzoop in de draaikolk van ellende, omdat niemand een reddingsboei toewierp.

Opeens op die zaterdagavond in de mixed-zone - ver na het laatste fluitsignaal - borrelde het gevoel op, dat deze selectie zonder tactische discipline een goede Brama nog steeds hard nodig heeft.

Leon ten Voorde