article
1.6602215
Waar ben ik in vredesnaam aan begonnen? Die vraag stelde Joost van Heteren (21) uit Almelo zichzelf meerdere keren, tijdens de drie dagen durende vliegreis naar Tuvalu.
Leestip | Hoe een 21-jarige Almeloër voor even bondscoach was
Waar ben ik in vredesnaam aan begonnen? Die vraag stelde Joost van Heteren (21) uit Almelo zichzelf meerdere keren, tijdens de drie dagen durende vliegreis naar Tuvalu.
http://www.tubantia.nl/regio/almelo-en-omgeving/almelo/leestip-hoe-een-21-jarige-almelo%C3%ABr-voor-even-bondscoach-was-1.6602215
2016-11-05T11:25:00+0000
http://www.tubantia.nl/polopoly_fs/1.6612697.1478345170!httpImage/image-6612697.jpg
Almelo
Home / Regio / Almelo en omgeving / Almelo / Leestip | Hoe een 21-jarige Almeloër voor even bondscoach was

Leestip | Hoe een 21-jarige Almeloër voor even bondscoach was

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Fotograaf
    Waar ben ik in vredesnaam aan begonnen? Die vraag stelde Joost van Heteren (21) uit Almelo zichzelf meerdere keren, tijdens de drie dagen durende vliegreis naar Tuvalu. 

    Hoe konden ze hem, een jongen van 21 jaar, nou bondscoach maken van een nationaal voetbalteam? Zonder aansprekend cv: geen serie diploma’s, laat staan ervaring. En toch zag de Tuvaluaanse bond de student sportkunde aan Windesheim in Zwolle graag komen.

    Gebruik je de app? Lees dan hier verder.
     

    'Ik werd onthaald als de verlosser'

    DOOR ARJAN TE BOGT

    Een paar maanden eerder kwam het balletje aan het rollen. Van Heteren, die in 2015 in een favela in Rio de Janeiro training had gegeven, zocht een nieuwe, zomerse uitdaging. Niet dicht bij huis, want dat past de avonturier niet. Nee, het moest ver weg zijn. Hij kwam bij Tuvalu door Foppe de Haan, de Friese trainer die er ooit ook even bondscoach was. Na wat speurwerk vond hij een contactpersoon. Al snel werd de mail van Van Heteren telefonisch beantwoord door Paul Driessen. „Toen heb ik een beetje gebluft. Dat ik onder moeilijke omstandigheden kan werken en of hij mij niet, na Foppe de Haan, als volgende bondscoach uit Nederland kon presenteren.”

    foto

    Foppe de Haan (l) en Paul Driessen. Foto: ANP

    Soepel ging het allerminst, maar anderhalve maand voor vertrek hoorde de trainer dat alles in orde was. Het drong echter pas bij aankomst op Funafuti International Airport goed tot hem door. Daar werd hij ontvangen door de zeskoppige afvaardiging van de voetbalbond. Het was het begin van vijf bijzondere weken. „Ze hadden mijn aankomst vermeld op Facebook, dus het hele eiland wist wie ik was”, zegt Van Heteren. „De eerste dagen had ik nog geen vervoersmiddel en ben ik wat rond gaan lopen. Mensen riepen ‘He, coach!’ naar me en vroegen me binnen voor eten. Ook stonden ze langs de kant van de weg te zwaaien. Zo uitbundig, dat ik dacht dat het een grap was. Ik kreeg een laptop met internet en een scooter van de regering. Alles werd geregeld. Vooraf vroeg ik me af of ik als jongen van 21 wel serieus genomen zou worden, maar ze onthaalden me als de verlosser.”

    Het hele eiland wist wie ik was

    Lidmaatschap

    Van tevoren was duidelijk dat Van Heteren niet langer dan vijf weken zou blijven. Zo snel als hij kon ging hij aan de slag om te doen waar hij voor kwam: Tuvalu een stap dichter bij het FIFA-lidmaatschap brengen. Net als bijvoorbeeld Gibraltar behoort de Polynesische archipel in de Grote Oceaan niet tot de wereldvoetbalbond. Al jaren doet Tuvalu (12.000 inwoners) met hulp van Nederlandse trainers zijn best dat lidmaatschap te krijgen. Het levert namelijk geld op om het voetbal naar een hoger plan te brengen. Om daarvoor in aanmerking te komen, moet het een eigen competitie, jeugdteams en trainers hebben. Niets van dat alles was echter voor elkaar, merkte Van Heteren. „Tuvalu bestaat uit allerlei kleine eilandjes. Acht ervan hebben een eigen club, die spelen allemaal op het hoofdeiland, waar de spelers wonen.”

    foto

    Van Heteren tijdens een training

    Een competitie is er niet. De clubs, die luisteren naar namen als Nanumanga, Nui FC en Manu Leava spelen op drie toernooien per jaar, tegen elkaar. Iets wat simpel om te zetten is in een competitie. Daarover, en over de opzet van een voetbalschool, ging Van Heteren met de minister van sport, Fauoa Maani, om tafel. Tussendoor zorgde hij voor iets van administratie („Die was er niet, de eerste week heb ik van iedereen de naam en geboortedatum opgevraagd”) en doceerde hij aan een groep belangstellenden trainingsvormen. „We hebben gepraat over het spel en over wat de trainer kan betekenen.” Studiemateriaal zoals in Nederland is er niet voorhanden, aan spelregels doen ze nauwelijks, merkte Van Heteren. „Er werden in een wedstrijd zoveel penalty’s gegeven...”

    Verbazen

    Over alles kon Van Heteren zich verbazen. Bijvoorbeeld over het omgaan met tijd. „De aankomst van een vliegtuig, twee keer per week, wordt gebruikt om afspraken te maken. Dat deed ik ook. Er gaat dan een sirene af die over het hele eiland te horen is, dat moment gebruikten wij om een bijeenkomst te houden.”

    Maar ook andere, primaire zaken wekten zijn verbazing. „Ik heb meegemaakt dat iemand die onwel werd overleden is, omdat de ambulancebroeder, toen hij opgeroepen werd, aan het vissen was. Omdat ‘er toch nooit iets gebeurt’.” Bizar, zegt hij, eraan terugdenkend. „Je bent daar eigenlijk van de wereld af.”

    foto

    In die wondere wereld was hij bondscoach. Of toch niet? Officieel stond Van Heteren namelijk niet langs de lijn om een wedstrijd van het nationale team te coachen. Verder dan iedere avond trainingen geven aan Okilani Tinilau, Mataua Limalofa, Siale Suamali en hun medespelers op de landingsbaan van het vliegveld („Die was vlakker dan de velden daar.”) kwam hij helaas niet. „We wilden nog een oefenwedstrijd spelen tegen Fiji, maar daarvoor was het uiteindelijk te kort dag. Of je dan echt van ‘bondscoach’ kunt spreken? Dat weet ik niet. Ik heb me gewoon bezig gehouden met de hele ontwikkeling van het voetbal op Tuvalu.”

    Inmiddels is Van Heteren, die op de helft van zijn avontuur trainer Frank Bakermans zag aansluiten, alweer een paar maanden in Nederland. Gisteren gaf hij ‘gewoon’ weer training aan de jongens van SV Almelo onder 15. In het donker, en de kou. „Het was hier in het begin heel erg omschakelen. Het voetbal daar was niet van de hoogste kwaliteit, maar je bent er wel in een soort van paradijs. Alles is daar relaxed. Als het uitkwam, ging ik even aan het strand liggen.” Of hij ooit teruggaat? Misschien. “Ik heb nog steeds goed contact met de minister, die schreef zelfs een referentie. Maar voor nu hoeft het niet. Ik ga eerst op zoek naar iets nieuws.”