article
1.6216468
ALMELO - Of hij in de A-jeugd van Heracles wil spelen? Ja, natuurlijk. René Kolmschot is zestien jaar als hij voor het eerst aankomt bij het stadionnetje aan de Bornsestraat in Almelo. Van krachttraining, videoanalyses en Pokemon Go heeft nog niemand gehoord.
René Kolmschot kent de ziel van Heracles na 30 jaar als geen ander
ALMELO - Of hij in de A-jeugd van Heracles wil spelen? Ja, natuurlijk. René Kolmschot is zestien jaar als hij voor het eerst aankomt bij het stadionnetje aan de Bornsestraat in Almelo. Van krachttraining, videoanalyses en Pokemon Go heeft nog niemand gehoord.
http://www.tubantia.nl/sport/heracles/ren%C3%A9-kolmschot-kent-de-ziel-van-heracles-na-30-jaar-als-geen-ander-1.6216468
2016-07-24T08:04:00+0000
http://www.tubantia.nl/polopoly_fs/1.6216471.1469342878!httpImage/image-6216471.jpg
Almelo,Voetbal-betaald,Rene Kolmschot,Heracles
Heracles
Home / Sport / Heracles / René Kolmschot kent de ziel van Heracles na 30 jaar als geen ander

René Kolmschot kent de ziel van Heracles na 30 jaar als geen ander

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Fotograaf
    ALMELO - Of hij in de A-jeugd van Heracles wil spelen? Ja, natuurlijk. René Kolmschot is zestien jaar als hij voor het eerst aankomt bij het stadionnetje aan de Bornsestraat in Almelo. Van krachttraining, videoanalyses en Pokemon Go heeft nog niemand gehoord.

    DOOR FARDAU WAGENAAR

    De jonge speler sluit aan bij de A-jeugd, maar al voor de jeugdcompetitie is begonnen, debuteert hij in het eerste. Hij zou nooit meer weggaan, tot hij stopt met voetballen. Maar ook daarna blijft Heracles branden in zijn hart. Inmiddels is hij al dertig jaar in dienst van de club, nu als assistent-trainer van het eerste. Hij is de rode draad, al vindt hij zelf van niet. "Iedereen is een draad." Het is zijn bescheidenheid.

    Veranderingen
    Hij kent de ziel van de club. Kolmschot maakte dieptepunten mee in al die jaren, maar heeft ook gezien en gevoeld waar Heracles het Heracles van nu begon te worden. Als beginnend spelertje zag hij tig bestuurswisselingen en dreigde een faillissement. Heracles bungelde onderaan in de eerste divisie. Rijke mannen redden de club uiteindelijk van de ondergang.

    Daarna volgden de opkomst en steeds meer hoogtepunten. Vlak nadat hij stopte met spelen, promoveerde Heracles naar de eredivisie. Er veranderde veel. Eerst was er de structuur die Gertjan Verbeek aanbracht, daarna de saamhorigheid die Peter Bosz het stadion binnenloodste. Nu is er dan het Europese avontuur dat wacht. "Ik krijg er nog kippenvel van als ik aan vorig seizoen denk. Europa prikkelt ons."

    Hernia
    Kolmschot vertelt, terwijl Mike te Wierik en Thomas Bruns voorbijkomen met hun telefoon in de hand, starend naar iets dat er niet lijkt te zijn. Ze zoeken Pokemon, het virtuele spel dat binnen een week een gigantische hype is geworden. Kolmschot kan er hard om lachen, zijn kinderen doen het ook. "Als je kijkt naar toen en nu, is het snel gegaan, maar het verschil is ook zo ontzettend groot. Het was een ander tijdperk, niets digitaals, gewoon gaan. Ik had op mijn achttiende al een hernia, omdat ik in het eerste, het tweede en in de A-jeugd speelde. Niemand had het over belastbaarheid. De fysiotherapeut zat gewoon in het centrum van de stad, nu hebben we er twee in vaste dienst."

    Rudy Degenaar
    Het is 1989, de klap bij Heracles komt hard aan. Rudy Degenaar komt om bij de SLM-ramp met het kleurrijk elftal in Suriname. De trainer wijst een nieuwe speler aan voor de pijnlijk lege plek: Kolmschot dus. Hij wordt van het middenveld naar de verdediging gehaald. De speler heeft er een dubbel gevoel bij. Maar hij blijft daarna jarenlang in het centrum van de verdediging staan.

    Het elftal met Ton Pattinama, Marco Waslander, Erik Manders en Rini Coolen groeit, het wint periodes, soms zitten er zevenduizend mensen op de tribune. De succesjes verbinden, het aantal fans groeit. "Je kunt het niet vergelijken met nu, want destijds waren we meer een vereniging, bleven we na de training nog een tijdje hangen. Maar daar ontstond het familiaire van de club en werd de basis gelegd van wat er nu staat."

    No-nonsense
    "De laatste jaren groeien we steeds wat meer", gaat hij verder. "Het stadion is zo mooi geworden. Maar dan moet je dus nooit hautain worden en altijd blijven wie je bent. We hebben veel vastigheden, de staf verandert amper, dan kan het in mijn ogen niet snel een andere kant op gaan. We maken veel uren, doen er veel bij. Maar het voelt nooit als werk. De voorzitter zegt: Iedereen kan bij me binnenlopen. Dat vind ik een goede insteek. Spelers moeten bij ons goed kunnen gedijen; hoe beter ze zich voelen, hoe beter ze presteren. Dat gaat gepaard met hard werken, niet zeuren en een no-nonsense mentaliteit."

    "We moeten inventief blijven, spelers beter maken. Doe maar normaal, dat is al moeilijk genoeg in een wereld waar zoveel geld zit. Veel mensen gaan dan gek doen. Ook belangrijk: jongens moeten graag voor ons willen spelen. Wil je niet? Prima, dan zoeken we verder. Brandley Kuwas kreeg een telefoontje van Heracles en sprong meteen in de auto. Willen werken, dat vind ik mooi, zo was ik ook."

    Lesauto
    Begin jaren 90. Kolmschot zet zijn lesauto op de parkeerplaats bij het stadion. Het is een normaal gezicht voor zijn medespelers. Hij is dan al een paar jaar speler van Heracles, maar daar kun je de kost niet mee verdienen. Hij werkt de hele dag als rijinstructeur, zet leerlingen af, haalt ze op, leert ze schakelen en het verkeer inschatten. In de auto en op de motor. Pas in 1996 wordt de voorstopper fullprof. Hij wordt begeerd door clubs uit de eredivisie, zoals Heerenveen. Maar zijn vrouw is zwanger en ze hebben een huis in Saasveld. Als profspeler kun je amper een hypotheek krijgen. De bank zegt: U heeft een contract voor een jaar bij Heracles? Ja, daar beginnen we niet aan. "Ik heb het risico niet genomen."

    Enkel
    Er komt nog een tweede moment in zijn carrière dat een ander leven lonkt. Ajax volgt hem en ook Engelse clubs zien die verdediger wel zitten, maar het lot beslist anders: hij klapt door zijn enkel en ligt er een jaar uit. "Er was altijd wel wat. Het was ook een andere tijd, het Bosman-arrest bestond nog niet. Clubs hadden meer macht, nu ligt die meer bij de spelers. Soms denk ik weleens: hoe kan iemand 40 miljoen euro waard zijn? Maar wat beter is, weet ik niet."

    Kolmschot kijkt niet om met spijt. Waarom zou hij? "Ik had het goed, ik ben niet voor niets altijd gebleven. Al was er een moment, ik speelde nog niet lang bij Heracles, dat het ook anders had kunnen lopen. Het bestuur gooide het roer om en alle spelers moesten weg. Alleen ik mocht blijven. Mijn moeder heeft een plakboek bijgehouden van die tijd. De krant schreef: 'Kolmschot overleeft duiventil'. Ik denk dat ik heel goedkoop was."

    Boswachter
    Heracles zonder 'Kolm' is lastig voor te stellen en de kans dat hij ooit gaat, acht hij niet groot. "Het is zo gelopen, maar ik moet wel blijven presteren, anders nemen ze ook afscheid van mij. In deze tijd zou ik het avontuur wel aan zijn gegaan: voetballers verdienen veel meer, het risico is minder groot. Ik heb ook wel dromen, ik zou best een paar jaar ergens heen willen om financieel onafhankelijk te worden. Die vrijheid lijkt me prettig. Voetbal houdt een keer op, al doe ik dit het liefste tot mijn 65ste. Maar er is ook nog zoveel meer moois. Ik ben een natuurmens, als ik me wil ontladen, ga ik het bos in. Jagen, vissen. En als jager loop ik echt niet elke keer met een jachtgeweer onder mijn arm, juist niet. We bewaken de natuur, halen reeën uit de wei als de boer gaat maaien. Boswachter zou wat dat betreft ook een beroep voor mij zijn."

    Geen gedoe
    Het jaar 2016. Dertig jaar Heracles, dertig jaar ontwikkelingen en veranderingen. Er zijn trainers voorbijgekomen waar hij niet mee overweg kon, of juist wel, maar die niet presteerden. Van Peter Bosz leerde hij veel, die heeft zijn stempel heel duidelijk gedrukt op het Heracles van nu. Met de huidige trainer John Stegeman heeft de club een pupil uit de stal van Bosz. De staf kent elkaar al jaren, dat brengt een bepaalde vrijheid en openheid mee. Hij wil niets anders dan assistent zijn, droomt niet van het hoofdtrainerschap. Niets zo mooi als met de jongens op het veld te staan, het gedoe er omheen is niets voor hem.

    "We kunnen in de staf heel direct zijn naar elkaar, maar naar buiten toe spreken we met een mond. En dan gaan we nu Europa in, hoe mooi is dat? We hebben ons voorgenomen dat we met trots van het veld willen stappen. We gaan onze huid zo duur mogelijk verkopen."

    Waken
    Als hij 65 jaar is en zijn pensioen wacht, wat wil hij dan achterlaten? "Dan hoop ik dat de club nog altijd laagdrempelig is en nog meer succes heeft. Groter, maar met hetzelfde gevoel. De voorzitter zegt altijd dat stilstand achteruitgang is. Je moet wel beter willen worden, anders sta je voor niets op het trainingsveld. Maar groter wil niet zeggen minder open en minder familiair. Daar moeten we altijd voor blijven waken."