Volledig scherm
© Robin Hilberink

Carnaval: Niet iedereen houdt ervan, hoe gaan we daar als Tubantia mee om?

Achter de SchermenInterviews met carnavalshoogheden, verslagen van gala-avonden en ophef rondom de leeftijdslimiet voor de dweilpas in Oldenzaal. Carnaval houdt de gemoederen flink bezig, ook in de krant. Zeker in een gebied als Noordoost-Twente besteedt Tubantia veel aandacht aan carnaval.

Volgens Engelbert Heideman, zelf een carnavalsvierder pur sang en chef van de redacties Hengelo en Noordoost-Twente is het logisch dat carnaval redactioneel zoveel aandacht krijgt. “In deze tijd is iedereen in Noordoost-Twente met carnaval bezig , niemand organiseert nu andere dingen.”  

Van kinds af aan in de ban van carnaval

Aankomend weekend is het carnaval. Maar in plaatsen als Oldenzaal, Deurningen, Denekamp, Rossum, Losser, Ootmarsum en Weerselo is carnaval al lang begonnen. Engelbert Heideman, chef van de edities Hengelo en Noordoost-Twente snapt die liefde voor carnaval als geen ander. Als geboren en getogen Oldenzaler is hij al van kinds af aan in de ban van carnaval. “Ik was op mijn twaalfde al prins carnaval van de buurt, samen met mijn buurtvriendinnetje Fleur waren we prins Engelfleur.”

“Eigenlijk ben ik altijd gek geweest van carnaval, ik woonde met mijn ouders in de Oldenzaals wijk de Thij. Ik had zo’n oude pick-up en dan deed ik als kind het raam mijn slaapkamer open en dan ging ik carnavalsmuziek draaien. Er staat een paard in de gang, dat soort werk.”

11 november begint het

De liefde voor carnaval is er nog steeds. Na flink wat jaren bij de optochtvereniging De Muiters in Oldenzaal, is hij ook actief als werkend lid voor de Kadolstermennekes, de grootste carnavalsvereniging in Oldenzaal. “Op 11 november begint voor mij carnaval, dan gaan we met de bus naar Keulen, ’s ochtends vroeg zijn daar de cafés al vol. Ook heel veel straatcarnaval, fantastisch om mee te maken”, vertelt Heideman.

“Bij de Kadolstermennekes beginnen we dan ook met vergaderen, als werkend lid help ik onder andere mee met het verzorgen van ons carnavalsmagzine de Doar’n Döll, dat magazine telt honderd pagina’s en wordt huis-aan-huis verspreid in Oldenzaal.”

Engelbert Heideman
Volledig scherm
Engelbert Heideman © Carlo ter Ellen DTCT

Kun je beschrijven wat carnaval zo bijzonder maakt?

Quote

Het is altijd lastig om aan mensen uit te leggen die niet weten wat carnaval is

Engelbert Heideman

“Het is altijd lastig om aan mensen uit te leggen die niet weten wat carnaval is, wat carnaval zo bijzonder maakt. Buitenstaanders zeggen altijd: waarom moet je in één keer in het jaar gekke kleren aan? Wat is daar zo leuk aan? Ik ga naar alle feesten, ik sla niks over. Wat ik er zo mooi aan vind is het feestvieren met mensen, het is lachen, gieren, brullen. En nee, het gaat echt niet over zo snel mogelijk dronken worden of vreemdgaan.”

“Het is de saamhorigheid en verbondenheid met elkaar. Je staat gezellig te kletsen, er is mooie muziek, wie je bent en wat je doet, het maakt allemaal niet uit, je viert carnaval met iedereen. Laat ik het zo zeggen: als ik een reis zou winnen naar de Caribbean tijdens carnavalsweekend? Dan zou ik niet gaan, dat doe ik echt niet. Ik zou het niet willen missen. Het is een virus waarvan ik hoop dat het nooit overgaat.”

Niet iedereen houdt van carnaval, hoe ga je daar in de krant mee om?

“Op de redactie leven we in twee werelden. We maken de editie Hengelo en de editie Noordoost-Twente en die twee gebieden zijn in carnavalstijd niet met elkaar te vergelijken. In Noordoost-Twente heeft iedereen eigen carnavalsgala’s, van Deurningen tot Tilligte, van Rossum tot Agelo. In het verleden hadden we daar op de redactie wel eens discussies over gehad: moeten we dit als krant allemaal wel doen? We hebben ook collega-journalisten die niet van carnaval houden en zo houden we elkaar scherp.”

Quote

Je moet niet onderschat­ten dat carnaval ook een belangrijk sociaal bindmiddel is

Engelbert Heideman

“Maar ik vergelijk het wel eens met een toneelvereniging: als die in een plaats als Rossum vijf keer een volle zaak trekt, dan doen we daar als krant zeker wat mee. En zo is het ook met de gala-avonden. Rossum telt 2200 inwoners, in vier avonden zijn daar 1100 bezoekers naar de gala-avonden geweest, dat is de helft van het dorp. De mensen die op de bühne komen ook allemaal uit het dorp. Daar horen we als regionale krant bij te zijn, dat verwachten mensen ook van ons.”

“Herman Finkers heeft wel eens een grap gemaakt over de carnavalsoptocht in Beuningen. Dat daar niemand langs de kant staat om de optocht te bekijken omdat iedereen zelf meedoet. En dat is ook écht zo. Je moet niet onderschatten dat carnaval ook een belangrijk sociaal bindmiddel is. En in de periode van begin januari tot het carnavalsweekend is er verder ook heel weinig te doen in het gebied. Niemand gaat dan wat anders organiseren. Dus carnaval is wat er op dat moment aan de hand is in de regio.”

Het is ieder jaar carnaval: hoe kun je zo’n onderwerp interessant maken en houden?

“We kijken altijd: wat doen we wel, wat doen we niet? En daarbij proberen we een bijzondere of net even andere insteek te vinden. We volgen bijvoorbeeld het leven van de stadsprins tijdens carnaval. Of we volgen een groep die een optochtwagen aan het bouwen is.”

“Of één van onze journalisten loopt zelf mee en beschrijft de optocht van binnenuit. Zo’n optocht is een mega-evenement, er komen in Oldenzaal 100.000 bezoekers op af. Je hebt loopgroepen van 250 mensen, dat is een indrukwekkend kleurrijk lint en er zijn zo’n 18 tot 20 grote praalwagens waar verenigingen heel druk mee zijn in de voorbereiding.”

Hoe zorg je dat je als krant ook kritisch en onafhankelijk blijft?

“Bij de krant gaan we altijd onze eigen weg: we blijven onafhankelijk. We schrijven niet alleen over de mooie dingen, als er dingen niet goed gaan, dan melden we dat gewoon. Zo’n optocht waar 100.000 mensen komen kijken dat heeft natuurlijk ook qua veiligheid de nodige impact. Op dit moment is er in Oldenzaal een discussie over de dweilpas: jongeren onder de achttien krijgen geen dweilpas omdat ze nog geen alcohol mogen drinken.”

“Dat betekent dat voor een grote groep jongeren in Oldenzaal dat zij tijdens niet terecht kunnen bij verschillende horecazaken tijdens carnaval. Waarom dan geen frisparty? Want als je er wat breder naar kijkt, betekent het ook dat je een grote groep jongeren uitsluit. Daar schrijven we over. We interviewen de eigenaren van de horecazaken. En we besteden aandacht aan vragen die opkomen, zoals: heeft carnaval nog wel toekomst?”

Volledig scherm
© Carlo ter Ellen - DTCT

Wordt het een druk carnavalsweekend op de redactie?

“Er werken twee collega’s in zo’n carnavalsweekend en er zijn natuurlijk verschillende fotografen op pad. Die zorgen dat er ook snel dingen online komen op onze site en dat er in de krant van maandag uitgebreid verslag wordt gedaan. Ik werk zelf inderdaad niet, haha. Ik vier carnaval van vrijdagavond tot en met dinsdagavond, vijf dagen achter elkaar. Op zondagochtend fiets ik altijd even de optochtroute in Oldenzaal, dat doe ik al jaren.”

“Je ziet dan overal gezellige taferelen en zelf gebouwde cafeetjes ontstaan. Een huis langs de optochtroute in Oldenzaal, dat is wat hoor, dan heb je een huis met toplocatie. Wist je dat de makelaars in Oldenzaal dat ook gebruiken als unique selling point? Als er een huis te koop staat langs de optochtroute staat dat altijd in de beschrijving. Ik kijk enorm uit naar carnaval en ik vind het nu al jammer dat het straks weer is afgelopen. Maar als ik er vijf dagen heb opzitten, dan ben ik er ook meestal wel klaar mee. Voor even dan.”

Blijf op de hoogte van al het carnaval nieuws in de regio. Download onze app. 

  1. Lezers steunen krantenbezorgers: “Stroopwafels aan de deur als blijk van waardering”
    Achter de Schermen

    Lezers steunen krantenbe­zor­gers: “Stroopwa­fels aan de deur als blijk van waardering”

    In Nederland staan elke dag 6000 bezorgers bij het krieken van de dag op om de kranten van DPG Media te bezorgen bij de abonnees. Dat klepperen van de brievenbus is in het dagelijks leven voor veel mensen een vaste waarde en een belangrijk onderdeel van hun ochtendritueel. Opstaan, douchen, ontbijten, mét een verse krant. Zo zijn we dat gewend. Nu het coronavirus Nederland heeft lamgelegd, is de rol van de krantenbezorger nóg belangrijker geworden. De krant is voor veel abonnees een anker, een houvast. En alle zeilen worden bijgezet om die ‘huisvriend’ te blijven bezorgen.