Borculose Lisa durft bijna niet te lachen, omdat mensen dan denken dat het goed gaat

VIDEOBORCULO - Lisa Wenneker (17) beschadigt haar armen en benen geregeld met een scherp voorwerp. Ze vertelt haar verhaal omdat ze de vooroordelen over mensen zoals zij uit de wereld wil helpen.  En hoopt dat andere jongeren met psychische klachten ook hun verhaal durven doen.

Volledig scherm
Lisa Wenneker is chronisch depressief en gaat paal staan voor het goede doel. © Erik van 't Hullenaar

Op beide armen zijn ontelbaar veel littekens te zien. Ook wat vlekken. ,,Ik heb jarenlang met lage mouwen gelopen om het te verbergen.

Lisa Wenneker is 17 jaar, komt uit Borculo maar woont in Huissen. Beschermd: in het huis is een groot deel van de dag (en nacht) begeleiding aanwezig. Ze is psychisch ziek: is chronisch depressief, heeft eetproblemen, een dwangstoornis en wat ze zelf noemt ‘vermijdende persoonlijkheidsstroornis’: ,,Dat je gebeurtenissen en mensen probeert te vermijden uit angst om wat mensen van je denken, dat ze je raar vinden. En ze is automutulant: ze beschadigt zichzelf. ,,Daarmee kun je pijn van binnen even stoppen", legt ze uit. 

Je weet dat je iets doet wat je eigenlijk niet moet doen. Hoe komt het dan dat je het tóch doet? Je gaat ergens een grens over.

(stilte)

Wat bracht je ertoe het de eerste keer te doen?
,,Ik had er wel eens over gelezen en dacht: ga ik nooit doen. Ik had er op zich wel begrip voor. Toen het met mij minder ging dacht ik wel: misschien helpt het of zo.”

En, hielp het?
,,Ja, voor even wel. Het geeft rust in je hoofd.”

En na die eerste keer, dacht je, dat ga ik vaker doen? Of dacht je juist: had ik niet moeten doen?
,,Ik vond het de eerste keer zelf ergens ook wel beetje gek. Of niet gek, maar het was onwennig. Maar naarmate de tijd wat verder ging, ging ik weer naar die rust verlangen, dat het weer even stil was van binnen. Toen is het wel vaker voorgekomen en heeft het zich doorgezet.”

Doe je het nu nog steeds?
,,Ja.”

Dagelijks?
,,Dat verschilt heel erg per periode.”

Kan het soms meerdere keren per dag zijn?
,,Ja.”

Wat voel je als je het doet?
,,Het kan soms nog wel pijn doen, maar er is ook een stuk gewenning. Het is alleen van binnen dan even rustig, dan kun je even dealen met de wanhoop die je hebt. Voor mij is het normaal geworden.”

Een ander steekt een sigaret op, jij brengt jezelf een verwonding toe?
,,Zo zwartwit is het niet denk ik.”

(stilte)

Hoe lang heb je er profijt van?
,,Na 5 minuten kan de onrust al weer terug zijn.”

Maak je dan geen berekening? In die geest van: ik doe het wel, maar het lost niks op en ik heb er maar 5 minuten iets aan?
,,Nee, zo werkt het niet.”

Aanvankelijk wist ze het te verbergen voor haar omgeving. Maar ze besloot op enig moment haar mentor op school toch in te lichten. Die schakelde hulp in en informeerde haar ouders. , Die reageerden in het begin heel erg geschrokken. Eerst zeiden ze: het is een fase. Ze konden door onwetendheid moeilijk inschatten hoe ernstig het was. Ik wilde er ook niks over delen, uit schaamte.”

Dan is dit interview een grote stap voor je?
,,Ja.” (denkt lang na) ,,Maar ik vind dat er meer openheid moet komen omdat er nog steeds een heel groot taboe ligt op psychische ziektes. Er is veel onbegrip. En ja, ik vind het wel eng om nu naar buiten te treden, maar dit is meer in indirect:   mensen kunnen dit lezen maar ik krijg er niet alles mee van wat mensen er over denken. 

Het gaat er om dat er aandacht komt voor psychische problematiek, ik hoop dat er wat stigma’s worden doorbroken, er iets meer begrip kan komen. De littekens op mijn lichaam maken me niet een minder waardig mens.”

Quote

Ik vind dat er meer openheid moet komen omdat er nog steeds een heel groot taboe ligt op psychische ziektes. Er is veel onbegrip. Ik vind het wel eng om nu naar buiten te treden.

Lisa Wenneker

Wat denk je dat mensen van jou denken?
,,Dat het wel goed gaat. Je doet leuke dingen, je lacht wel eens, het gaat vast goed.”

Je durft bijna niet te lachen omdat ze dan denken dat het goed gaat?
,,Precies.”

Hoe gaat het met je?
,,Niet zo goed.”

(stilte)

Hoe voel je je dan?
,,Nu voel ik eigenlijk niks. Gewoon leeg.”

Eh...
,,Dat hoort bij een depressie, dat je niks voelt.”

Lisa is begin dit jaar schooljaar gestopt met school. Ze zat in het examenjaar van de havo, maar kon het niet meer opbrengen. Sinds twee maanden woont ze met 4 anderen in het huis in Huissen. Overdag gaat ze naar een soort dagbesteding. ,,Om tijd te overbruggen en wat dagstructuur te hebben”, vertelt ze. Daarnaast heeft ze haar wekelijkse therapieafspraken. ,,De meeste dagelijkse dingen zijn heel zwaar op dit moment. Opstaan en douchen kunnen al de meest zware opgaven van de dag zijn. Je wilt er niet zijn. Want dan moet je weer een dag overleven.”

Eigenlijk was ze altijd al een wat teruggetrokken meisje, vertelt ze. ,,Ik was een stil rustig meisje waar je geen last van hebt. Een docent schreef toen ik van school ging: iemand waar je er wel dertig van in de klas wil hebben.”

Quote

De meeste dagelijkse dingen zijn heel zwaar op dit moment. Opstaan en douchen kunnen al de meest zware opgaven van de dag zijn

Lisa Wenneker

Dat is positief, toch? Of lees jij dat anders?
,,Ik denk dat ik het neutraal lees, heb er niet echt een mening over. De basisschool was geen fijne periode. Ik werd gepest, had het gevoel dat ik er niet bij hoorde en niks waard was. Heb in groep acht ook even kort hulp gehad.”

In de puberteit nam de somberheid grotere vormen aan. En begon het zelf verwonden van armen en benen. Ze hield dat lang geheim.

Op de middelbare school zien op een gegeven moment vriendinnen toch ook dat je wonden op je arm hebt?
,,Nee, ik heb het altijd verbogen gehouden. In eerste jaar kon ik nog met korte mouwen lopen omdat het toen op mijn benen was. Maar uiteindelijk heb ik drie jaar lang met lange mouwen gelopen.”

Nu heb je korte mouwen. 
,,Vorig jaar werd ik kort opgenomen op de crisisafdeling. Toen heb ik de afdelingsleider mijn jaar de klas ingelicht en heb ik opgeschreven wat hij mocht vertellen. Toen dacht ik: dan kan ik het nu best vertellen.

Toen ben ik in kleine stapjes korte mouwen gaan dragen. Ik kreeg positieve reacties, ook persoonlijke verhalen van anderen. De negatieve reacties heb ik niet heel erg meegekregen. Maar die waren er wel. En het is altijd eng, want iedereen kan er wat van denken.”

Wat denk je dan, dat mensen denken? 
,,Dat ze denken dat ik gek ben. Of dat ik alles doe voor de aandacht. Wat niet zo is. Ik hoop dat er meer jongeren komen die uit durven komen voor hun psychische kwetsbaarheid. Ze zijn niet de enige en ze zijn niet gek.”

,,Er rust een taboe op, het is lastig om het over je psychische aandoening te hebben. Dat komt omdat mensen veel voordelen hebben. ‘Je ziet er niet ziek uit, dus je bent niet ziek.’ En ‘het is een fase’, hoor je dan. Mensen zijn ook bang dat mensen met een psychische aandoening gevaarlijk zijn.”

Heb je vrienden, vriendinnen?
,,Nee.”

Niet? Nul?
,,Nee. Ik heb gemerkt dat voor sommige mensen niet echt mogelijk is om te gaan met iemand die er psychisch niet lekker bij loopt. Maar het is vaak ook onmogelijk sociale contacten te onderhouden omdat je het niet op kunt brengen. Ergens heb ik ook wel de angst voor wat ze van je vinden. En het gevoel dat je geen vrienden of vriendinnen verdient.”

Maar als je je zo voelt, voel je een soort uitzichtloosheid.
,,Ja. Op dit moment staat alles even stil.”

Heb je dromen?
,,Nee.”

Nee?
,,Nee.”

Je hebt toch wel íets dat je graag wilt?
,,Nee. Echt niet.”

Jeetje. Wat hoop je dan dat er de komende jaren gebeurt?
,,Ik hoop eigenlijk niks. Ik durf niks te hopen. Ik heb vaker gehoopt en tot nu toe heeft dat niks geholpen. Het is heel lastig om te hopen. Vaak draait hoop uit op een teleurstelling, dus hoop ik maar niet en zie ik wel hoe het gaat en wat er komt.” 

Wat denk je over je toekomst?
,,Zie ik niet voor me, kan ik niet over nadenken. Ik zie nog geen toekomst voor me. Het is ook wel lastig perspectief te krijgen omdat je niet weet of het wel beter wordt.  Wat mijn perspectief is, is niet te overzien, dat weet niemand.”

Je leeft met de dag?
,,Ja. Ik probeer gewoon een beetje de tijd door te komen tot ik naar bed mag.”

Praten over zelfdoding kan bij hulp- en preventielijn ‘Zelfmoord? Praat erover’. Telefoon 0900-0113 of www.113.nl.

Last Man Standing

Lisa Wenneker doet deze zaterdag mee aan het evenement last Man Standing, dat voor de derde keer wordt gehouden in Ermelo. Zo’n 300 mensen proberen zes uur op een paal in het water te staan om zo aandacht te vragen voor mensen met psychische aandoeningen. Deelnemers kunnen worden gesponsord. Een deel van het geld dat zaterdag wordt opgehaald, gaat naar de stichting Mind. ,,Die geven voorlichting en proberen zoveel mogelijk hulp te bieden, zodat jongeren die op wachtlijsten staan toch al wat hulp krijgen.