Keuper kritisch: 'Dialect niet te redden, bijna alle platpraters zijn dood'

DOETINCHEM - Is het Nedersaksisch gered, nu het erkend is als officiële taal in Nederland? Nee, zegt Hans Keuper (74), voorman van de Achterhoekse dialectband Boh Foi Toch. ,,De meeste mensen die plat praten zijn toch al dood.’’

Het Nedersaksisch is nu erkend als taal in Nederland. Dat werd tijd!
Hans Keuper: ,,Nou, eigenlijk is die tijd allang voorbij,  want als nog maar 20 procent van de mensen en 5 procent van de kinderen nog plat praat, haalt erkenning niet veel uit.’’ 

Wat betekent het wel?
,,Niets, dit is mosterd na de maaltijd, symboolpolitiek. We praten hier in reservetijd van het dialect. Want de meeste mensen die plat praten zijn toch al dood. In mijn tijd op de middelbare school, praatte dik 60 tot 70 procent van mijn schoolgenoten plat. Dat is inmiddels aardig slim achteruut gegaon.’’

Is het dialect dan nog wel te redden?
,,Nee, het is niet meer te redden. Het Nedersaksisch wordt hetzelfde als het Gaelic in Ierland: iedereen moet het leren, maar onderling praat iedereen alleen maar Engels.’’

Je hebt ook kleinkinderen, praten die een beetje plat?
,,Ze kunnen me goed verstaan, ik en mijn vrouw Rita praten altijd plat tegen ze. Af en toe smijten ze er nog wel een woordje plat tussendoor, maar hun eigen taal is Nederlands en ook steeds meer Engels.’’

Leer je het ze ook aan?
,,Ik heb kinderliedjes met ze gezongen. Mijn grootste succes was bij Mens-erger-je-niet, toen gooide hij drie keer zes. Toen zei hij uit zichzelf 'Dat bost an'. En dat hadden we 'm niet geleerd, maar had hij zichzelf aangeleerd. Dát gaf mij een enorm trots gevoel!’’

Volledig scherm
Hans Keuper in zijn woonkamer. © Theo Kock