Volledig scherm
PREMIUM
NVS Prinses Beatrix speelt met haar vriendinnetje Renée Röell aan boord van de kruiser Hr.Ms. Sumatra onderweg van Engeland naar Canada. 2 juni 1940 © Nationaal Archief/Collectie Spaarnestad

Juliana, Beatrix en Irene waren onderweg naar Canada 40 uur ‘kwijt’ op zee

In de oorlogskronieken van Loe de Jong is het een bijzin. Een ronkend reisverslag dat het Nationaal Archief begin dit jaar openbaar maakte, rept er met geen woord over. Maar de overtocht van de prinsessen Juliana, Beatrix en Irene naar Canada, in juni 1940, verliep niet probleemloos. Hun schip was veertig uur zoek op de oceaan. Bovendien was het escorteschip niet eens gevechtsklaar. Een reconstructie.

Opwinding maakt zich van de bemanning meester als in de baai van Milford Haven (Wales) een sloep de Hr. Ms. Sumatra nadert. ,,Verrek, we krijgen wijven aan boord!’’ roept een matroos. Daarna valt iedereen stil. Die ‘wijven’ blijken van koninklijke bloede te zijn.

Prinses Juliana betreedt als eerste het marineschip, gevolgd door prins Bernhard met de 2-jarige Beatrix op zijn arm en verzorgster Sophie Feith met de 10 maanden oude Irene. Iedereen springt in de houding, bemanningslid Arie van der Toorn speelt op zijn accordeon het Wilhelmus.