Volledig scherm
Ben Annink met oude bedrijfsboeken van Stork, die hij schenkt aan belangstellenden. Er hebben zich inmiddels diverse gegadigden gemeld. © Annina Romita

Ben Annink uit Borne neemt afscheid van Stork

BORNE - Een groot deel van zijn leven bracht Ben Annink door in het kantoor van Stork, met zijn neus in de boeken. Nu wil hij zijn oude Storkspullen kwijt.

De geboren en getogen Bornenaar heeft zijn oude werkbureau met bijbehorende lamp in zijn woning staan, in een aparte ‘Storkkamer’. In de kasten rijen ingebonden exemplaren van het bedrijfsblad De Fabrieksbode, in mapjes waardepapieren en aandelen, tot ruim honderd jaar oud en een zakje koffiemunten.

Laatste ronde

„Ik ben 89 jaar, bezig metan De Fabrieksbode, vanaf 1946 tot 1990. Niet toevallig de periode dat Annink er zelf werkte. „Als jochie van 15 jaar kreeg ik een kantoorbaan bij Stork. Zeker niet slecht in die tijd, helemaal vergeleken met werken in textielfabrieken. Maar het was voor mij toch een flinke overgang. Opeens zat ik bijna negen uur per dag in een afgesloten ruimte onder een tl-lamp, dat was ik niet gewend.”

Hoofdkassier

Dankzij vele opleidingen werkte Annink zich in de loop der jaren op tot hoofdkassier. „Een mooie tijd. Ik beheerde de kluis, die zo groot was dat er wel een familie in paste. Directeuren en andere hooggeplaatste medewerkers van het bedrijf die op reis gingen, kwamen bij mij contant geld halen. Ook veel buitenlandse valuta. Die haalde ik dan van tevoren op bij de bank. Ik droeg een speciale jas met extra grote binnenzakken waar al dat geld in paste. Liep ik gewoon mee over straat, niemand die dat kon zien.”

Zwart gat

Hij ging in 1990 met pensioen. Ben Annink kreeg een receptie, een koninklijke onderscheiding wegens veertig jaar trouwe dienst, en viel daarna in een zwart gat. „O, wat miste ik de contacten met de banken, de werknemers, alles eigenlijk. Regelmatig pakte ik die bedrijfsboeken, en haalde zo al bladerend herinneringen op.” Hij heeft het bedrijf na zijn pensionering nooit meer bezocht. „Maar nog steeds, als ik een oud-college tegenkom, gaat het gesprek meteen over Stork.”

Hengelo e.o.