Volledig scherm
PREMIUM
Anne Loohuis. © Lars Smook

Spoedpost

Eén keer heb ik zelf een bezoek moeten brengen aan de huisartsenspoedpost. Toen ik probeerde met een mes dat irritante rode plakbandje van de broodzak te doorboren. Dat haastige spoed zelden goed is, daar werd ik mij pijnlijk van bewust toen mijn vinger het moesten ontgelden. De details zal ik u besparen, maar ik kon het niet afdoen met een pleister. 

Een vriendin was zo lief mij binnen vijf minuten naar de spoedpost te rijden. Hechtingen er in, verband erom en weer terug naar huis. Als de spoedpost in Oldenzaal er straks niet meer is, moeten inwoners van Noordoost-Twente voor dit soort ingrepen naar Hengelo of Enschede. Voor de meeste mensen niet een heel groot probleem, maar ideaal is anders. Voor (niet-spoedeisende) zorg moet je dan verder rijden en dat zijn we niet gewend. Lastig uit te leggen aan de inwoners, zeker met het oog op de ingrijpende miljoenverbouwing van de Oldenzaalse locatie van het MST waarin de spoedpost is gevestigd.

  1. De Oldenzaalse binnenstad heeft wat van zijn oude glans verloren
    PREMIUM

    De Oldenzaal­se binnenstad heeft wat van zijn oude glans verloren

    Mijn wieg mag dan niet in de schaduw van de Plechelmusbasiliek hebben gestaan of in een van de kroegen rondom de Groote Markt, deze oale grieze heeft wel degelijk een zwak voor Oldenzaal. Ik mocht er de middelbare school bezoeken, ging er met veel plezier uit in ’t Siepelke en Club 27 en leerde er in 1980 mijn vrouw nog veel beter kennen dan daarvoor al het geval was. Juist daarom gaan de problemen van de Oldenzaalse binnenstad mij zo aan het hart.