Volledig scherm
© Thinkstock

Hengelose huisartsen pleiten voor opnieuw invoeren tolkentelefoon

HENGELO - Huisartsen betalen soms uit eigen zak de kosten voor een tolk bij statushouders. Dat is onwenselijk, zeggen Hengelose huisartsen. De dokters pleiten ervoor de tolkentelefoon voor deze groep opnieuw in te voeren.

Huisarts Henny de Hartog heeft een praktijk met veel statushouders, vluchtelingen die mogen blijven. Tot enkele jaren geleden kon ze een beroep doen op de door het Rijk gefinancierde tolkentelefoon om haar patiënten te begrijpen. Maar op een gegeven moment merkte ze dat ze zelf de rekening van de tolk kreeg. „49 euro op een consult dat 9 euro oplevert”, zegt ze. „Ik heb er een paar keer mijn neus aan gestoten, maar ben er toen mee gestopt”. Nu betaalt ze nog incidenteel uit eigen zak een tolk.

Tolkentelefoon
De tolkentelefoon voor statushouders werd in 2012 afgeschaft. De Hengelose huisarts en het bestuurslid van de Landelijke Huisartsen Vereniging Geert-Jan van Loenen vinden die situatie onacceptabel.

Van Loenen roept de Tweede Kamer op financiering te regelen voor herinvoering. GroenLinks en D66 werken aan een voorstel, dat echter nog niet op een meerderheid kan rekenen. Daarom zoekt hij nu samen met De Hartog de publiciteit.

Communicatie
Van Loenen zegt dat het voor het verlenen van goede zorg belangrijk is dat de dokter de patiënt begrijpt. Dat lukt met Nederlanders zelfs niet altijd, met vluchtelingen die Engels praten enigszins en met anderstaligen onvoldoende. Zorgverzekeraar en inspectie eisen van de huisarts dat hij voor goede communicatie zorgt.

Basiskennis
Tot 2012 konden huisartsen een tolk via een aantal instanties oproepen die dan ofwel telefonisch ofwel in levenden lijve bij het consult aanwezig waren. De tolkentelefoon werd afgeschaft omdat het kabinet vond dat het vluchtelingen niet te gemakkelijk gemaakt moest worden en dat ze maar snel Nederlands moesten leren. Van Loenen zegt dat intussen veel statushouders de praktijken zijn ingestroomd, en dat die wel een basiskennis van Nederlands hebben om boodschappen te kunnen doen, maar dat ze niet over hun ziektes of trauma’s kunnen vertellen.

Ook De Hartog merkt dat. Het is moeilijk de patiënten te begrijpen. „Ik hoop dat ik voorkom dat ik iets fout doe”, zegt ze. „En toch. Laatst dacht ik buikpijn goed te hebben beoordeeld als darmklachten. Ik vatte het samen en kreeg een vriendelijke lach en ‘ja’ terug. Maar het zat me niet lekker. In de wachtkamer vroeg ik iemand toch nog even te helpen met vertalen. Toen werd duidelijk dat het een gynaecologische kwestie was.”

De huisarts vertelt dat ook specialisten naar wie ze doorverwijst het probleem ondervinden. „Na een doorverwijzing krijg ik als reactie: ‘Gesprek was niet mogelijk vanwege niet Nederlands spreken.’ Met zo’n patiënt is dan niets gebeurd.”

Tubantia gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement  

In samenwerking met indebuurt Enschede

Enschede e.o.