Volledig scherm
© Robin Hilberink

5 vragen aan directeur Stadsbank over rente op leningen voor minima

ENSCHEDE - Den Haag verlaagt het rentetarief van de sociale kredietbank van 11,5 naar 2,3 procent. Ook gemeenten in Twente en de Achterhoek overwegen leningen voor minima goedkoper te maken. Vijf vragen aan directeur Coen Luttikhuis van Stadsbank Oost Nederland, hij is bezig uit te rekenen wat dat kost.

1. De sociale kredietbank voor Twente en Achterhoek berekent nu nog 11,4 procent. Waarop is dat gebaseerd?
"We zitten altijd 0,2 procent onder het rentepercentage van reguliere banken als ING en Rabobank voor kortlopende leningen van relatief lage bedragen. Die afspraak is met de veertien Twentse en acht Achterhoekse gemeenten, waarvoor we werken, gemaakt. Het gaat om leningen van hoogstens enkele duizenden euro en met een looptijd van maximaal vijf jaar. We lenen uit aan mensen met een smalle beurs die bij commerciële banken moeilijk terecht kunnen. Daarbij is het uitgangspunt dat met de rente de kosten die we als Stadsbank maken, vergoed worden. Net als bij onze andere diensten maken we er geen winst op."

2. Is het desondanks gepast zo'n woekerrente in rekening te brengen voor mensen die het financieel toch al moeilijk hebben?
"Woekerrente vind ik niet een juiste betiteling, maar het gaat inderdaad om een hoog percentage voor mensen die het niet breed hebben. De vraag is dan ook of je deze groep niet meer tegemoet kunt komen. Die discussie speelt ook in Twente en de Achterhoek. Op verzoek van de gemeenten zetten we nu op een rij wat de consequenties zijn als we het rentepercentage gaan verlagen."

3. Gemeenten moeten dan meer betalen voor de Stadsbank. Om welk bedrag gaat het?
"Dat is afhankelijk van de hoogte van een nieuw rentepercentage en welke verdeelsleutel je hanteert voor afzonderlijke gemeenten. Stel dat je het helemaal terugbrengt tot nul dan gaat het totaal om ongeveer 400.000 euro op jaarbasis. Sociale leningen zijn duur. Het is veel administratief werk, met diverse contracten en gesprekken. Bovendien is er een groter risico van wanbetaling. Jaarlijks blijkt zo'n 70.000 euro niet inbaar, soms doordat de klant is overleden."

4. Hoeveel leent de Stadsbank Oost Nederland uit?
"In totaal hebben we jaarlijks een kleine drie miljoen euro kortlopende leningen aan gemiddeld 1760 mensen uitstaan. We kennen maar ongeveer de helft van de aanvragen toe. Bij de beoordeling wordt kritisch gekeken naar bijvoorbeeld inkomen en financiele positie van de aanvrager. Het is niet de bedoeling schulden te stapelen. Onze leningen zijn bedoeld voor mensen die door tijdelijke tegenvallers geld nodig hebben voor bijvoorbeeld vervanging van een wasmachine, verhuiskosten of afrekening van het energiebedrijf."

5. Waarvoor kunnen mensen nog meer aankloppen bij Stadsbank Oost Nederland?
"We bieden op diverse manieren hulp aan mensen die in grote financiele problemen zijn gekomen. Zoals budgetbeheer, overleg met schuldeisers over een schikking, herfinanciering van schulden en - na tussenkomst van de rechter - beschermingsbewind. We hebben zo'n negenduizend clienten uit Twente en een deel van de Achterhoek. De gemeenten dragen jaarlijks zo'n 7 miljoen euro bij."

In samenwerking met indebuurt Enschede

Enschede e.o.