Volledig scherm
Open Dag ROC. © Bert Kamp

ROC van Twente ontwikkelt zelf opleidingen voor de toekomst

ENSCHEDE - Waar het aanbod tekort schiet, ontwikkelt ROC van Twente zelf opleidingen. Zo is de vitaliteitsbegeleider een zorgmedewerker met kennis van fysiotherapie.

Het zijn de snoepjes in de etalage van ROC van Twente. De nieuwe opleidingen voor de banen van de toekomst. Daar maakt de mbo-leerfabriek graag reclame voor. Want wie wil niet nu niet werken in zo’n hippe barbersalon? Of lekker fitnessen met ouderen of gehandicapten?

Het ROC van Twente biedt onderdak aan ruim 22.000 studenten en tweeduizend medewerkers. Tijdens de overvolle open dagen laat de moderne leerfabriek zien voortdurend in beweging te zijn.

Vitaliteitsbegeleider in zorg en welzijn. Zo heet één van de nieuwe beroepen, waar ROC van Twente zaterdag tijdens de open dag graag de aandacht op vestigde. „Bij gehandicaptenorganisaties als Aveleijn en De Twentse Zorgcentra zijn ze razend enthousiast”, zegt teammanager Verona ten Caat van het College voor Mens & Maatschappij over de nieuwe driejarige niveau 3-opleiding.

Beroepsveld

In augustus 2020 kunnen de eerste studenten er terecht. Ze zullen aan de basis staan van een beroep waar volgens Ten Caat in de gehandicapten- en ouderenzorg vraag naar is. „Ouderen en gehandicapten bewegen te weinig. Het beroepsveld huurt soms fysiotherapeuten in om cliënten te activeren. Ze willen nieuwe professionals die dit gaan doen. Maar de afgestudeerden moeten ook in staat zijn om welzijns- en zorgtaken op zich te nemen.”

De studie tot vitaliteitsbegeleider is slechts één voorbeeld van een net ontwikkelde opleiding. ROC van Twente speelt in op veranderingen in het beroepsveld. Daar waar het aanbod te schort schiet, ontwikkelt de onderwijsorganisatie ook zelf opleidingen.

Cross-over

Cross-overs noemen ze dat. De praktijkwereld en het onderwijs pakken kwalificaties uit meerdere opleidingen bij elkaar en maken daar een nieuwe opleiding van die jongeren klaarstoomt voor een baan van de toekomst. Het ROC ontwikkelt deze zelf, wat een forse (financiële) investering vergt. Voor goedkeuring wordt een accreditatie aangevraagd bij het ministerie van OCW.

In Twente wordt op dit moment aan meerdere nieuwe cross-overs gewerkt. Maar zolang er geen officiële erkenning voor is, verklapt het ROC niet om welke opleidingen het gaat. 

Wensen van werkgevers tellen zwaar

ROC van Twente luistert naar alle betrokken partijen bij het samenstellen van een zo compleet mogelijk onderwijsaanbod.

Werkgevers trekken vaak als eerste aan de bel als een studie onvoldoende aansluit op de praktijk. Maar ook wensen van studenten beïnvloeden het onderwijsaanbod. Net als ontwikkelingen in de samenleving. Zoals de opkomst van de herenkappers. Er is animo om in zo’n hippe barbersalon te werken. Vooral bij jongens. Maar die hebben geen zin om ook nog permanentjes te moeten zetten. De kappersopleiding van het ROC in Almelo luistert naar deze wensen, vertelt Marieke Jurjens. De teammanager haarverzorging legt uit dat niveau 3 en 4-studenten zich vanaf volgend studiejaar voor het eerst kunnen specialiseren in het vak van heren- óf dameskapper. Ze hoopt dat de nieuwe specialisatie zorgt voor meer jongens in de opleiding.

Vacatures overleggen

Voor het ROC is het altijd aftasten in hoeverre het onderwijsaanbod aansluit bij de arbeidsmarkt. In zijn algemeenheid heeft het beroepsveld steeds meer behoefte aan breder geschoolde werknemers.

Dat je zo’n studie niet zomaar uit de grond stampt, mag duidelijk zijn. “Je hebt verklaringen nodig vanuit het bedrijfsleven dat er behoefte is aan het nieuwe beroep. We moeten zelfs vacatures overleggen”, zegt Han Zomer. De directeur van het College voor Management & Organisatie vertelt over de nieuwe opleiding tot Junior Business Controller. De student die deze studie kiest, gaat aan de slag in het midden- en kleinbedrijf. “Hij leert hier alles over financiële administratie. Maar ook over ict en logistieke processen. Hij weet wat debet en credit is. Maar hij kan ook werken met een database en beheerst de werkprocessen die te maken hebben met bedrijfsvoering.”

In samenwerking met indebuurt Enschede

Enschede e.o.