Volledig scherm
Toegangspoortjes. © FMAX

Saxion: 'Bezuiniging op de ov-studentenkaart gaat ten koste van het onderwijs'

ENSCHEDE - De besparing van 200 miljoen euro die het kabinet heeft ingeboekt op de openbaarvervoerkaart voor studenten, is zeer riskant en kan leiden tot een veelvoud aan extra kosten voor de universiteiten en hogescholen. Als studenten voortaan buiten de spits moeten rijden en scholen daardoor gedwongen zijn later te beginnen, gaat dat het onderwijs veel geld kosten.

Dat zegt Saxion-bestuursvoorzitter Wim Boomkamp, die ook bestuurder is van de landelijke HBO-raad. „Het hoger en universitair onderwijs heeft er de afgelopen jaren juist alles aan gedaan om zo efficiënt mogelijk met personeel en gebouwen om te gaan. Dat hebben we vooral kunnen bereiken door eerder te beginnen en langer door te gaan, waardoor we onze onderwijsruimten beter benutten.”

4,5 vierkante meter per student
​Saxion, dat ’s ochtends half negen begint, heeft volgens Boomkamp inmiddels het meest efficiënte ruimtegebruik van alle Nederlandse hogescholen. „We hebben de minste vierkante meters per student, zo’n 4,5. Bij anderen is dat 5,5 of 6.” De besparing op de ov-studentenkaart is onderdeel van het leenstelsel voor studenten. Met name de NS moet als ’s lands belangrijkste studentenvervoerder fors inleveren op de ov-kaart voor studenten.

Slechte ontwikkeling
De NS en andere vervoerders kunnen dat alleen opvangen als ze het tijdens de spits minder druk krijgen. Onderwijsminister Bussemaker vindt dat universiteiten en hogescholen hun roosters zo moeten maken dat studenten zoveel mogelijk buiten de spits kunnen reizen. Lukt dat niet, dan krijgen ze mogelijk minder geld. Een speciale werkgroep onderzoekt hoe dat zou kunnen. Boomkamp: „Daar zitten wij als onderwijs niet in, omdat we dan medeverantwoordelijk worden voor een ontwikkeling die wij slecht vinden. Een relatief kleine bezuiniging op het openbaar vervoer leidt naar onze inschatting tot veel hogere kosten voor het rijk in het onderwijs.”

Korting
Met een dreigende korting op de onderwijsbudgetten als alternatief, komt de besparing op het studentenvervoer sowieso op het bordje van het onderwijs, constateert Boomkamp. „Ik vind dat er veel te weinig is gekeken naar andere besparingsmogelijkheden. Waarom wordt de ov-studentenkaart bijvoorbeeld niet beperkt voor het verkeer tussen woning en school en woning en stageplek? Dat kun je bijvoorbeeld regelen door er trajectkaarten van te maken. Ik zeg niet dat dit dé enige oplossing is, maar door er een dalurenkaart van te maken, gaat het ten koste van het onderwijs.”

In samenwerking met indebuurt Enschede

Enschede e.o.