Volledig scherm
Op de plek waar de nieuwe moskee moet komen, heeft Pegida kruizen geplaatst. © Pegida Nederland

Voorman Pegida krijgt 750 euro boete na actie bij geplande moskee Enschede

ENSCHEDE/ARNHEM - Een voorman van anti-islambeweging Pegida moet 750 euro boete betalen voor een demonstratie in Enschede, zonder het gemeentebestuur tijdig te informeren. Aan de Wethouder Beverstraat, waar een moskee moet verrijzen, voerde Pegida zondag 12 november 2017 actie. Het Openbaar Ministerie onderzocht of daarbij strafbare feiten zijn gepleegd.

Een demonstratie moet tijdig worden gemeld. Dat is niet gebeurd en de Pegida-voorman was daar al eerder voor gewaarschuwd. De officier van justitie legde hem een strafbeschikking op. De voorman kan hiertegen bezwaar maken door verzet in te stellen bij het OM.

Volgens het OM was van groepsbelediging geen sprake. Dat speelt als de belediging is gericht tegen een groep om wegens hun geloof, in het openbaar, door een geschrift of afbeelding. 

Tegen moskee

Het OM constateert dat uitlatingen van de Pegida-voorman tijdens de actie waren gericht tegen de bouw van de moskee en tegen de islam als geloof. Het voert te ver om te concluderen dat deze uitspraken ook tegen moslims als groep waren gericht, aldus het OM. 

Varkensbloed?

Het OM keek ook of sprake was van belediging of groepsbelediging. De actievoerders beweerden dat zij varkensbloed sprenkelden op de grond waar de moskee moet komen. Niet vast is komen te staan dat dit ook daadwerkelijk varkensbloed was. 

Om tot een bewezenverklaring van belediging te komen, moeten de uitlatingen of feitelijkheden onnodig grievend zijn ten aanzien van een persoon. Ook hier is het OM van oordeel dat de handelingen gericht waren tegen de bouw van de moskee en niet tegen de gelovigen. 

De context waarbinnen de mogelijk beledigende uitlatingen of handelingen zijn gedaan, speelt een rol bij de beoordeling van de strafbaarheid. Tijdens een demonstratie – ook al was in dit geval geen toestemming verleend – is er meer ruimte voor uitingen, als hiermee een bijdrage wordt geleverd aan het maatschappelijk debat. Het OM vindt op grond van het voorgaande dat er ook geen sprake is van strafbare belediging.

Haat?

Tenslotte is nog gekeken of er sprake zou zijn van aanzetten tot haat, discriminatie of geweld. Van aanzetten tot haat is geen sprake omdat de demonstranten zich niet richtten op de emotie van mensen, maar op de bouwgrond voor de moskee.

Nu van discriminatie geen sprake is (zie hierboven), kan aanzetten tot discriminatie ook niet bewezen worden. Voor het strafbare feit aanzetten tot geweld, is vooral gekeken naar de uitlating : „Eigenlijk zou elke Enschedeër een litertje bloed moeten gaan gooien op dit veld”. Hier is geen sprake van aanzetten tot geweld jegens personen.

Kruizen op bouwterrein

Leden van Pegida plaatsten zaterdag 12 maart 2018 kruizen op het beoogde bouwterrein voor de moskee. Daarbij zijn uitlatingen gedaan door aanhangers. Het OM vindt die niet strafbaar. „De uitingen kunnen als schokkend worden ervaren, maar er is ook hier geen sprake geweest van (groeps)belediging of discriminatie. Er is niets gezegd over de aanhangers van de islam, alleen over de islam zelf en dat is niet strafbaar”, aldus een woordvoerster.

In samenwerking met indebuurt Enschede

Enschede e.o.