Volledig scherm
© Thinkstock

Haaksbergenaar moet de cel in, want hij verrichtte zijn taakstraf niet

240 uur taakstraf en zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf kreeg Johnno ter H. uit Haaksbergen in 2016 voor het bezit van grote hoeveelheden drugs in Rijssen en Enschede. Drie jaar later voldeed hij weinig tot geen uren van zijn taakstraf en ook aan zijn behandeling werkte hij niet mee. Dat bracht hem gisteren voor de politierechter in Almelo.

Vrijdag vijf dagen voor de strafzitting werd de 27-jarige Johnno opgepakt, omdat hij zijn taakstraf niet had verricht. Bijna 400 uur heeft hij nog openstaan. Sindsdien zit hij vast in de gevangenis in Lelystad, volgens zijn vriendin nog steeds in dezelfde kleding. ,,Het gaat extreem slecht”, zegt de Haaksberger over zijn huidige situatie.

In drie jaar tijd zijn alle behandelingen voor zijn gedrags- en verslavingsproblematiek geprobeerd, aldus de reclasseringsambtenaar. Als Johnno op de afspraak verschijnt dan werkt hij goed mee, maar meestal komt hij niet opdagen. ,,Ontzettend vaak niet verschenen”, aldus de rechter. Naar eigen zeggen moest hij soms thuisblijven voor het zoontje van zijn vrouw. Bovendien raakte hij zijn portemonnee met ov-chipkaart kwijt die hij van de reclassering had gekregen. Fietsen van Haaksbergen naar de behandeling in Enschede kan hij niet, want Johnno is voor 60 tot 70 procent afgekeurd. ,,Als ik daar aankom, dan ben ik kapot.” Omdat ze geen mogelijkheden ziet voor een positief vervolg van de behandeling vraagt de reclassering aan de rechter hoe de voorwaardelijke celstraf nu moet worden uitgevoerd.

Onwil of onmacht

Is het onwil dat Johnno niet meewerkt aan zijn behandeling of is het onmacht? Alle partijen in de rechtszaal zijn het erover eens: hij wil wel, maar hij kan niet. Zelf wil Johnno snel weer naar zijn vrouw en haar zoontje en verder werken aan zijn behandeling voor een posttraumatische stressstoornis. Hij wil het thuis op orde krijgen. ,,De afgelopen vijf jaren waren klote,” zegt hij.

De officier van justitie is het met de reclassering eens dat Johnno er niet alles aan deed om van het behandelingstraject een succes te maken. Maar de openbare aanklager verwijt de reclassering dat zij de zaak na drie jaar vlak voor het einde van de proeftijd pas voor de rechter brengt. Daarom is de eis dat Johnno van de voorwaardelijke zes maanden celstraf er twee moet uitzitten. De advocaat van Johnno meent dat veertien dagen achter tralies voldoende is. Symbolisch, mede omdat zijn cliënt ook nog moet zitten voor het niet voldoen van de werkstraf.

Maar de rechter heeft niks met symboliek en zet een punt achter ‘deze martelgang’ voor Johnno. De behandeling stopt en de voorwaardelijke celstraf wordt kwijtgescholden. Over het niet voldoen van de taakstraf gaat deze rechter niet, dus voorlopig blijft Johnno nog achter tralies. Johnno is er blij mee. Hij maakt een overwinningsgebaar naar zijn vriendin in de rechtszaal en wordt door twee agenten afgevoerd. 

Enschede e.o.