Volledig scherm
Gaby den Held voor Irma's, het etablissement in Diepenheim dat voorheen Café Boonk heette. © Lenneke Lingmont Fotografie

Utrechtse auteur schrijft roman met Diepenheim als decor

DIEPENHEIM - Een roman die zich geheel in Diepenheim afspeelt, met herkenbare topografie en echte straatnamen. Utrechter Gaby den Held gebruikte onder andere café Boonk en de Dr. Quantstraat als decor voor zijn boek Reünie.

Hoe kom je erop om je boek in Diepenheim te laten spelen?

"Omdat ik de omgeving ken via mijn echtgenoot - die woonde in Lochem. Als we zijn moeder bezoeken, komen we regelmatig in Diepenheim. Het stadje spreekt mij aan, er zitten veel verhalen in."

In je roman, Reünie, vervlecht je een verhaal over een schoolreünie met een sprookjesachtige legende.

"Dat is iets heel natuurlijks voor mij. Het is mooi om het gegeven van een sprookje met de harde werkelijkheid te verweven, juist door het contrast dat erin zit. Al kunnen sprookjes ook heel hard zijn. Als je oude sagen leest, gaat de ene kop na de andere eraf. Ik heb deze zelf verzonnen, maar opgeschreven alsof het een legende uit de streek is die voor mensen uit de omgeving van Diepenheim echt lijkt, inclusief een scène bij de Schipbeek. Er waren mensen die dachten dat die finale gebaseerd was op een waar gegeven. Maar dat is niet zo. Op een gegeven moment heb je een gevoel bij Diepenheim en ga je daarvan uit. Het Stedeke met de kastelen past goed bij de sprookjessfeer."

"Ik wilde het over een schoolreünie hebben. Over de pestkoppen in de klas en mensen die gepest werden. Daar begon het mee."

Werd je zelf gepest?

"Ik ben niet vreselijk gepest vroeger, maar ik was wel anders dan anderen. Ik voetbalde niet met de jongens, maar ging tekenen en verzon verhalen. Dan ben je apart. Het was niet zo erg dat ik het van me af moest schrijven. Het is nu eerder een voordeel dat ik het kan gebruiken dan dat ik er toen last van had. Maar dit is geen simpel verhaal met een goede afloop waarin de pestkoppen op hun lazer krijgen en dat wie gepest wordt overwint. Ik snap dat mensen dat graag willen lezen, maar ik kan zo niet schrijven."

Waarom niet?

"Omdat ik dat saai vind - het is zo voor de hand liggend. Het lukt mij ook niet. Het stuit op zo veel weerstand in mij. Een zwart-witverhaal dat de pestkoppen overwinnen is het niet geworden. Dat is in het echt vaak ook niet zo. Als het zo is, is dat eerder een uitzondering."

Hou je van een schoolreünie?

"Nee, en ik ga ook niet. Ik vind ze vreselijk. Ik wil best oud-klasgenoten ontmoeten. Via Schoolbank, dat is erg leuk. Bij een reünie zijn er misschien nog twee die je kent."

In je roman loopt een travestiet rond zonder dat iemand er een opmerking over maakt.

"Met opzet heb ik daar geen onderwerp van gesprek van gemaakt. Het is geaccepteerd. Het was het leukste personage om over te schrijven. In mijn volgende boek stapt een man in de trein van Utrecht naar Rotterdam en komt in een gemeenschap terecht die alleen in de trein leeft. Ik hoef daar geen sprookje bij te verzinnen, terwijl zo'n lijn er wel in zit. Het moet versmelten en zo ineenvallen dat je je niet eens meer afvraagt waar het in elkaar vloeit. Dat is het hoogste."

Volledig scherm
© Lenneke Lingmont Fotografie

Hengelo e.o.