Volledig scherm
Archieffoto Reinier van Willigen

Met de hoge hoed op door het Losserse land

LOSSER De nostalgie druipt er zondag vanaf. Meer dan 50 rijtuigen, waarvan het gros meer dan 100 jaar oud is, trekt dan door het centrum en buitengebied van Losser.

Paard, rijtuig, maar ook de koetsier en andere bijrijders. Alles en iedereen ziet er bij de Twenterit van de Koets’n Keerls op zijn paasbest uit. „Dit is voor ons hét hoogtepunt van het seizoen. Weken van te voren is iedereen bezig alles zo mooi mogelijk voor elkaar te krijgen”, vertelt Jan Brandriet, voorzitter van de Koets’n Keerls.

Riesewijk

Mariola Dieperink, woordvoerster van het Centrum Management Losser, is apetrots dat Losser er in geslaagd is de Twenterit voor het eerst naar haar gemeente te halen. „Hebben we min of meer te danken aan Jan Riesewijk. Zijn vader is lid van de Koets’n Keerls. Jan vroeg zich af of het niet wat was om de Twenterit naar Losser te halen. Henri Brookhuis, onze voorzitter, heeft dat eind vorig jaar bij de Koets’n Keerls neergelegd. Daarna is het gaan lopen.”

De Twentse vereniging was voor haar rit al drie keer in Ootmarsum en vier keer in Haaksbergen. Dat Losser nu de Twenterit heeft, komt omdat andere gemeenten zijn afgevallen. Brandriet: „In Hengelo bijvoorbeeld moesten we te veel over klinkers. Daar houden we niet van. Dat geldt voor het rijtuig, maar ook voor het paard of paarden. In Losser gaan we ook voornamelijk over geasfalteerde straten. Eigenaren van oude rijtuigen zijn trotse mensen. Die zien niet graag dat ze door de modder moeten.”

Het lijkt zondag even of de tijd stil heeft gestaan. Heb je een dienstrijtuig van rond 1900, dan moet de kleding van de knecht (vaak ook koetsier) en de eigenaar er navenant uitzien. De knecht is te herkennen aan de zwarte hoge hoed. de eigenaar, die achter in zit, heeft zo goed als zeker een grijze hoed.
Het gros van de deelnemers ziet de rit als een recreatieve tocht. Vijftien combinaties laten zich jureren en maken er zo een heuse wedstrijd van. Punten kunnen worden gescoord met het rijtuig, de vereiste authentieke kleding, het paard, maar ook de tuigen.

Kraesengenberg

De deelnemers komen zondagmorgen samen bij Erve Kraesgenberg. Om tien uur begint een rit over acht kilometer naar steenfabriek de Werklust, waar ze een ‘sherrystop’ hebben. „Gewoon een lekker borreltje”, aldus Brandriet. Vandaar gaat de stoet over een afstand van 9,2 kilometer naar Van Heek op industrieterrein De Pol. Daarna rijden de rijtuigen op nummer nog eens een rondje van 11,2 kilometer naar het dorpsplein van Losser waar om drie uur een defilé wordt afgehouden.
In het centrum is zondag ook nog ringsteken (Raadhuisplein) en op het Martinusplein is er een oldtimershow en maken de Böggelrieders al fietsend een rondje door het centrum.

Oldenzaal e.o.