1. ‘Hoofd organisatie’ ligt me niet lekker
    PREMIUM
    COLUMN

    ‘Hoofd organisa­tie’ ligt me niet lekker

    Toen ik 19 was en woonachtig te Nijmegen, gaf ik een feest in het studentenhuis van een ander. Op zich is dat niet vreemd. Als je eigen huis, wegens ruimtegebrek, niet feestbestendig is, kan je beter elders de slingers ophangen. Alleen had ik het niet aangekondigd. Ik wist niet dat dat moest. Ik was een oonzeldöpke. Ik wist niet dat je moest zeggen: ‘Trouwens, ik heb vanavond vijftien mensen uitgenodigd in jouw huis.’ Laat staan dat ik moest vragen: ‘Mag ik een feestje geven bij jou?’ Ik was van de extreem-socialistische stempel: jouw huis is mijn huis, mijn feest is jouw feest.
  2. Waarschijnlijk is er een verband tussen oorlog en zaadlozing
    PREMIUM
    COLUMN

    Waarschijn­lijk is er een verband tussen oorlog en zaadlozing

    ‘Geen ruzie maken, kinderen. Er is al genoeg ruzie op deze wereld’. Het is het vredesmotto waarmee ik ben opgegroeid. Menig escalatie in huize Baartman werd hiermee naar de Twents-zwijgende doofpot verwezen. Ik vond de argumentatie redelijk zwak. Ik mocht mijn broertje niet slaan, omdat op het platteland van China al voldoende broertjes worden geslagen. ‘Niet zwemmen, kinderen. Er wordt al genoeg gezwommen op deze wereld.’ Dat slaat evenmin ergens op. Dit terzijde.
  3. Twee fietsjes voor vluchtelingengezin in het azc Azelo
    PREMIUM
    Column

    Twee fietsjes voor vluchtelin­gen­ge­zin in het azc Azelo

    BORNE - Het was misschien de meest bijzondere ontmoeting van dit jaar. Het begon bij m’n vader. Hij had een fietsje in de schuur staan. Een klein rood fietsje. „Ik zoek een jong vluchtelingengezin aan wie ik het kan geven,” zei hij. Dat vond ik uiterst nobel van mijn vader. Zelf had ik ook een fietsje in de schuur staan, maar dat had ik op Marktplaats gezet. Zonder succes overigens. In mij schuilt een matige handelaar.