Volledig scherm
PREMIUM
Nathalie Baartman © Carlo ter Ellen DTCT

De leraar met dertig kinderen in de klas

ColumnEr is een kind dat luid begint te praten, terwijl je iets uitlegt. Er is een kind dat z’n boterhammen niet wil eten. Er is een kind dat slecht geslapen heeft vannacht. Dat zei de moeder nog. Er is een kind dat gepest wordt. Er is een kind van het speelrek gevallen.

Er is een kind dat niet snapt dat het fouten mag maken. Boos wordt als iets niet meteen lukt. Soms ook verdrietig. Er is een kind dat zo stil is, dat je het haast zou vergeten. Er is een kind wier ouders in een vechtscheiding liggen. Er is een kind dat geen gluten mag. Er is een kind dat niet langer dan een kwartier kan zitten. Dat zei de moeder nog.

  1. ‘Hoofd organisatie’ ligt me niet lekker
    PREMIUM
    COLUMN

    ‘Hoofd organisa­tie’ ligt me niet lekker

    Toen ik 19 was en woonachtig te Nijmegen, gaf ik een feest in het studentenhuis van een ander. Op zich is dat niet vreemd. Als je eigen huis, wegens ruimtegebrek, niet feestbestendig is, kan je beter elders de slingers ophangen. Alleen had ik het niet aangekondigd. Ik wist niet dat dat moest. Ik was een oonzeldöpke. Ik wist niet dat je moest zeggen: ‘Trouwens, ik heb vanavond vijftien mensen uitgenodigd in jouw huis.’ Laat staan dat ik moest vragen: ‘Mag ik een feestje geven bij jou?’ Ik was van de extreem-socialistische stempel: jouw huis is mijn huis, mijn feest is jouw feest.
  2. Waarschijnlijk is er een verband tussen oorlog en zaadlozing
    PREMIUM
    COLUMN

    Waarschijn­lijk is er een verband tussen oorlog en zaadlozing

    ‘Geen ruzie maken, kinderen. Er is al genoeg ruzie op deze wereld’. Het is het vredesmotto waarmee ik ben opgegroeid. Menig escalatie in huize Baartman werd hiermee naar de Twents-zwijgende doofpot verwezen. Ik vond de argumentatie redelijk zwak. Ik mocht mijn broertje niet slaan, omdat op het platteland van China al voldoende broertjes worden geslagen. ‘Niet zwemmen, kinderen. Er wordt al genoeg gezwommen op deze wereld.’ Dat slaat evenmin ergens op. Dit terzijde.