Volledig scherm
PREMIUM
In Twente en de Achterhoek broedt de grauwe klauwier vooral in de randen van natuurgebieden, zoals in de Engbertsdijksvenen. © Gerrit Schepers

Herstel van de grauwe klauwier in Twente gaat tergend langzaam

natuurDe grauwe klauwier stelt hoge eisen. Er moeten puntige struwelen zijn en insecten, heel veel insecten. Broedende klauwieren worden dan ook gezien als de kroon op succesvol natuurherstel.

De grauwe klauwier is in Twente en de Achterhoek een broedvogel van struwelen. Dichte bramenwallen, puntige hagen van slee- en meidoorns of zelfs dichte bosschages van dode takken zijn voor deze struikrover geliefde plekjes om een goed verborgen nestje te bouwen. En dan moet er genoeg voedsel zijn om de eigen honger en die van het nageslacht te stillen. Vlinders, spinnen, bijen, wespen, rupsen, libellen, kevers en later in het seizoen heel veel sprinkhanen. Liefst heel veel en hele grote.

  1. Bloemrijke akkerranden in Twente zijn een veilig ‘thuis’ voor insecten en vogels
    PREMIUM

    Bloemrijke akkerran­den in Twente zijn een veilig ‘thuis’ voor insecten en vogels

    Hier en daar zijn bloemrijke randen langs akkers ingezaaid. Insecten en vogels profiteren, ook in de herfst en wintermaanden. Akkerranden met bloem- en zadenrijke kruiden blijken in het boerenlandschap van Twente en de Achterhoek van groot belang voor vogels en insecten. Hier vinden vooral vlinders, hommels en bijen maar ook andere insecten een leefgebied, afhankelijk van de omvang van de stroken en de soorten planten die zijn gezaaid.