Volledig scherm
Wintertalingen op zoek naar voedsel in Kristalbad tussen Enschede en Hengelo. Foto Truus Wijnen © Truus Wijnen

Wintertaling is zomer
en winter bij ons

natuurHet is de kleinste eend in Nederland, de wintertaling. Ze broeden in Oost-Nederland, maar zijn in de winter het vaakst te zien.

Het mannetje heeft een prachtig gekleurd kopje, roodbruin met een groene vlek. In vlucht vallen de witte en zwartgroene strepen op de vleugels op. Die kleuren sieren ook de vleugels van de verder in een saai lichtbruin verenpak gestoken vrouwtjes. Ze brengen de winter door in groepjes. Bij gevaar vliegen ze op om gezamenlijk pijlsnel een aantal rondjes te vliegen. Als het gevaar is geweken, keren ze net zo snel weer terug.

De wintertaling is in Twente en de Achterhoek broedvogel, voornamelijk in een aantal hoogveengebieden. De eendjes houden van water met een uitbundige plantengroei. Het aantal broedvogels loopt echter terug, zoals in heel het land. Waarschijnlijk zijn ook veel natuurgebieden te droog geworden in de broedtijd.

Hoogvenen en waterplassen

In de wintermaanden zijn ze talrijker, want dan komen ook wintertalingen uit andere delen van Europa naar ons land. En kunnen we soms groepen van tientallen tot soms wel honderden wintertalingen zien. Behalve in hoogvenen met open waterpartijen zijn ze dan ook te zien op grotere waterplassen. Ze vertrekken naar het zuiden van Europa als bij ons in strengere winters de waterplassen dichtvriezen.

Ook dit najaar zijn in Twente en de Achterhoek verschillende groepen wintertalingen gezien. Voornamelijk op grotere waterplassen zoals Kristal tussen Hengelo en Enschede, recreatieplassen zoals het Rutbeek bij Enschede en de Oelemars in Losser en waterpartijen langs de Regge. De kans om ze te zien in veengebieden neemt toe, omdat sommige plaatsen door de regen van de afgelopen week weer wat natter zijn geworden.