Volledig scherm
© Frans Nikkels

Stadsdichter Regine Hilhorst kiest voor de verrassing

ENSCHEDE - Regine Hilhorst is de nieuwe stadsdichter van Enschede. De veelzijdige winnares belooft voor de nodige reuring te zorgen. „Ik wil een luis in de pels zijn.”

Onbevangen staat ze op het podium. Regine Hilhorst is duidelijk in haar element. Vol passie spreekt ze haar zelf gecomponeerde regels uit. Het gaat, zo blijkt later, om haar zieke buurvrouw.

‘De hemel is zwaar. Kreunend roept een midwinterhoorn om de terugkeer van het licht.’

Vergankelijkheid, dat is het thema dat de nieuwe stadsdichter van Enschede al een tijd in de greep heeft. Overleden dierbaren, zieken in de directe omgeving, ze hebben invloed op haar poëtische talenten. „In kwetsbaarheid zit ook schoonheid en kracht”, klinkt het na de felicitaties en de bloemen.

Regine Hilhorst, moeder van de twee opgroeiende dochters Wies en Sophie, werd zaterdagavond 2 februari in een overvol Prisma theater unaniem door de jury gekozen als stadsdichter 2013-2015. De 48-jarige import Enschedese, haar wieg stond in Elst en ze groeide op in Arnhem, is een mensen-mens.

Dat blijkt niet alleen uit haar kijk op poëzie. „Na de brand op het Meubelplein zou ik in de rol van een pyromaan zijn gedoken, dat is wat je toch bezighoudt.” Maar dat blijkt ook uit het dankwoord na haar uitverkiezing. Samen met Margót Veldhuizen en Veronica Berkvens, de twee andere finalisten, gaat ze iets moois doen. Dat laatste is ze sowieso van plan. „Ik beloof dat ik u zal verrassen en raken”, zegt ze tegen de zaal. Daar neemt ze op een bijzondere manier afscheid van. Met een in het Nederlands vertaalde fado. Een persoonlijke ode aan de overleden moeder van een zangmaatje.

Heeft ze ook niet wat weg van een Portugese, met die zwartgrijze krullen, de donkere ogen en die trotse blik? Regine Hilhorst lacht. „Het is Spaans bloed, iets uit de VOC-tijd, heb ik wel eens begrepen.” Meer tijd voor genealogische bespiegelingen is er niet. Dochter Wies komt van een feestje en vliegt haar moeder om de hals. Die is zelf ook heel blij dat ze heeft gewonnen. „Vorig jaar was ik ook genomineerd, maar won Moes Wagenaar die nog vaker door de laatste selectie was gekomen. Ik heb de hele dag met een knoop in m’n maag gelopen. Als ik niet had gewonnen had ik het kloten gevonden”, zegt ze zacht.

Over haar rol als stadsdichter heeft Regine Hilhorst een uitgesproken mening. Ze wil voor reuring zorgen, zich manifesteren als de spreekwoordelijke luis in de pels. Geen nietszeggende, jubelende zinnen over de stad waar ze twee jaar lang taalkundig ambassadeur van is. „Ik denk dat ik mensen op een herkenbare manier kan raken. Dat gebeurt niet te hoogdravend, want dat houd ik zelf ook niet vast. Een gedicht moet niet in schoonheid verzuipen. Er zit altijd een verhaaltje van mij bij. Als het over de stad gaat zoek ik consequent de menselijke maat.”

Dat laatste klinkt voor de nieuwe stadsdichter minder lastig dan het lijkt. Ze maakt al jaren lied- en gedichtteksten. Bij de laatste serie van Van Jonge Leu en Oale Groond was ze als dialoogschrijver betrokken. En ze is actrice en artistiek leider van De Nieuwe Koningen, een theatergezelschap uit Enschede dat in 1990 werd opgericht. „We maken theater op maat. Voor allerlei opdrachtgevers. Laatst voerden we in opdracht van de gemeente community art uit in de Wesselerbrink. En we gaan voor het Rijksmuseum aan de gang. Verder ben ik lid van het zangtrio Hilhorst, Kruger, Krom. Ik kan veel, alleen niet jongleren.” Dat laatste is een knipoog naar haar voorgangster Moes Wagenaar die ze al vele jaren op de UT improvisatielessen geeft.

Dichten, klinkt het eerlijk, is niet haar eerste liefde. „Maar”, zegt ze met gemeende gevoelens, „dat is het wel geworden. ’s Avonds laat komen de goede ideeën. Al komt het mij niet aanwaaien, hoor. Tekst schrijven is hard werken. Ik begin de dag redelijk vroeg. Met hardlopen en een kop koffie. Daarna zien we wel.”