Volledig scherm
Oud-premier Ruud Lubbers en zijn Ria tijdens de verkiezingsavond van 1986. Ruud Lubbers is op achtenzeventigjarige leeftijd in aanwezigheid van zijn vrouw en kinderen in zijn woonplaats Rotterdam overleden © ANP

Met de dood van Ruud Lubbers verliest Nederland zijn langstzittende premier

Bij het samenstellen van het kabinet-Den Uyl in het voorjaar van 1973 vroeg PvdA-formateur Jaap Burger aan D66-leider Hans van Mierlo: ,,Ken jij misschien een beetje progressieve KVP'er voor de post Economische Zaken?'' Van Mierlo hoefde niet na te denken. Een paar jaar eerder had hij in Rotterdam een jonge katholieke ondernemer ontmoet die indruk op hem had gemaakt. ,,Ruud Lubbers'', zei hij. ,,Nooit van gehoord'', bromde Burger. Hij schreef de naam op en belde de toenmalige KVP-fractieleider Frans Andriessen. ,,Zegt de naam Lubbers je iets?" vroeg hij. ,,Nee, wie is dat?", reageerde Andriessen.

Als volslagen onbekende betrad Ruud Lubbers op 11 mei 1973 het Nederlandse politieke toneel. Pas 21 jaar later zou hij er weer af stappen, uitgegroeid tot een internationaal gerespecteerd staatsman, de machtigste en langst zittende Nederlandse minister-president van de twintigste eeuw, gekroond met een aureool van allesweter en alleskunner en begiftigd met vijf eredoctoraten. Dat hij van tijd tot tijd ook z'n nukken had en soms als een zonnekoning regeerde, doet aan zijn indrukwekkende staat van dienst niets af, evenmin als het vlekje op zijn blazoen dat hij in 2004 opliep toen hij als VN-commisaris voor de Vluchtelingen van seksuele intimidatie was beschuldigd.

Knopen doorhakken

Rudolphus Franciscus Marie Lubbers, die vandaag op 78-jarige leeftijd overleed, leerde al jong als manager te opereren en knopen door te hakken. Hij werd op 7 mei 1939 geboren in Rotterdam als zesde telg in een gezin van uiteindelijk negen kinderen. Z'n vader was directeur-eigenaar van staalconstructiebedrijf Hollandia in Krimpen a/d IJssel. Ruud doorliep het gymnasium op de chique jezuïetenkostschool Sint Canisius in Nijmegen, studeerde in zijn geboortestad economie, behaalde cum laude z'n bul en trouwde kort daarna met Ria Hoogeweegen, die bij hem in de buurt woonde.

Toen Ruud nog maar 24 jaar was, overleed zijn vader, waarna hij samen met zijn oudere broer Rob de touwtjes bij Hollandia in handen nam. In die tijd werd hij ook actief binnen de Katholieke Volkspartij (KVP) en in de vereniging van jonge katholieke werkgevers. Vervolgens stootte hij door naar het bestuur van de werkgeversorganisatie in de metaalindustrie, de FME. Zijn eerste politieke functie kreeg hij in 1970 als lid van de Rijnmondraad, destijds een soort parlement van de regio Rotterdam. Van daar uit rolde hij, 'gescout' door Van Mierlo, de landelijke politiek in.

Hoewel zijn politieke opvattingen te vinden waren op het snijvlak van de KVP en de toenmalige 'progressieve drie' (PvdA, D66, PPR) had Lubbers er welbewust voor gekozen bij de KVP binnenboord te blijven. Daarbij ging het hem vooral om behoud van nestgeur, want partij-ideologie was niet zo aan hem besteed. Hij was veeleer een pragmaticus, in de stijl van wat de voormalige antirevolutionaire coryfee Jan de Koning graag placht te zeggen: Als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan. Als één Nederlandse politicus in de twintigste eeuw een meester is geweest in het smeden van compromissen, dan was het Ruud Lubbers wel.

Het artikel gaat onder de video verder.

Oliecrisis

Met veel flair kweet de jongensachtige Lubbers zich in het kabinet-Den Uyl van zijn taak als minister van Economische Zaken. Kort na zijn aantreden kreeg hij al een enorme kluif op z'n bord: de Arabische olieboycot tegen landen als de VS en Nederland, die Israël hadden gesteund in de Yom Kippoeroorlog van oktober 1973. Zo werd Lubbers, binnengekomen als een grote onbekende, in korte tijd een nationaal bekende verschijning.

Hij kwam nog wel even onder vuur te liggen toen de schijn werd gewekt dat hij naast zijn ministerschap ook nog altijd een flinke vinger in de pap had bij zijn familiebedrijf Hollandia. Ook later in zijn carrière werd hij diverse malen beschuldigd van belangenverstrengeling, maar politieke gevolgen had dat nooit.

Volledig scherm
Ruud Lubbers en Dries van Agt. © ANP

Na de lange, spannende kabinetsformatie van 1977, uitmondend in een CDA-VVD-kabinet onder leiding van Dries van Agt, leek de politieke carrière van Lubbers een aflopende zaak. Hij werd Tweede-Kamerlid en vice-voorzitter van de nieuw gevormde CDA-fractie waarin KVP, ARP en CHU waren opgegaan. Bijna een jaar opereerde hij in de schaduw, maar toen fractieleider Wim Aantjes in de herfst van 1978 aftrad na onthullingen over zijn oorlogsverleden werd Ruud Lubbers als vanzelf de voorman van het CDA in het parlement.

Het was voor Lubbers een taaie klus en een goed leerschool in politieke behendigheid. Niet alleen was zijn verhouding met Van Agt stroef, ook had hij te maken een sterk verdeelde fractie, onder meer op het gebied van atoombewapening en in sociaal-economische kwesties. Door zich overal zelf diepgaand mee te bemoeien en alle tegenstellingen met veel omhaal van woorden te camoufleren (z'n taalgebruik werd vaak 'wollig' genoemd) wist Lubbers averij te voorkomen.

Na het slechts negen maanden levende tweede kabinet-Van Agt (CDA, PvdA, D66) en een overgangskabinetje van alleen CDA en D66 stapte Van Agt uit de landspolitiek, daarmee de weg vrijmakend voor de inmiddels 43-jarige Lubbers om in zijn voetsporen te treden. Op 4 november 1982 presenteerde Lubbers als minister-president zijn CDA-VVD-kabinet op de trappen van het paleis Huis ten Bosch.

Volledig scherm
Het kabinet Lubbers I van premier Ruud Lubbers (derde van links) treedt, na beëdiging door koningin Beatrix, aan op de trappen van paleis Huis ten Bosch. © ANP
Quote

Nooit zat Lubbers om een weerwoord verlegen

Er was veel werk aan de winkel: noodzakelijk geachte bezuinigingen in allerlei sectoren, inclusief de sociale uitkeringen, de strijd tegen de groeiende werkloosheid en niet te vergeten het dikke dossier over de mogelijke plaatsing van kruisraketten in Woensdrecht. Pas nu kreeg Lubbers volop de ruimte om Nederland als een vindingrijke manager te leiden en naar zijn hand te zetten.

De karrenvrachten kritiek die hij over zich heen kreeg, wist hij schijnbaar moeiteloos te pareren. Nooit zat hij om een weerwoord verlegen. En toen velen zagen dat bepaalde maatregelen effect hadden en sommige compromissen zo slecht nog niet waren, kantelde voor velen het beeld dat zij van Lubbers hadden. Mede door de verkiezingsleus 'Laat Lubbers zijn karwei afmaken' won het CDA in 1986 negen zetels. De premier mocht op herhaling, opnieuw met een kabinet van CDA en VVD.

Affaires

Hoewel het in economisch opzicht alweer beter ging met het land, zat het tweede kabinet-Lubbers bijna voortdurend in zwaar weer. De regeringsploeg werd geteisterd door een aantal affaires en ruzies, die het uiterste van Lubbers' stuurmanskunst vergden. Twee parlementaire enquêtes (naar misbruik van woningbouwsubsidies en het mislukken van de fabricage van een fraudebestendig paspoort) kostten enkele bewindslieden de kop, er werd grootschalige visfraude ontdekt en er werd geruzied over verdergaande bezuinigingen op gezondheidszorg, onderwijs en sociale zekerheid.

Een bijkomend probleem was dat het CDA in deze jaren twee keer zo groot was als regeringspartner VVD. Dat gaf Lubbers extra veel macht. Soms wekte hij dan ook de indruk de VVD geheel over het hoofd te zien. Dat moest op een keer wel spaak lopen en dat gebeurde dan ook: in mei 1989 forceerde de VVD-fractie in de Tweede Kamer een breuk in de coalitie door het plan tot afschaffing van de belastingaftrek voor woon-werkverkeer onderuit te halen.

Derde kabinet Lubbers

Volledig scherm
Wim Kok neemt de voorzittershamer van de ministerraad over van Ruud Lubbers. © ANP

Toen het CDA bij de volgende verkiezingen op hetzelfde niveau van 54 zetels bleef, was het vanzelfsprekend dat Lubbers zijn premierschap zou prolongeren. Met de electoraal ingezakte VVD kon dat niet meer, maar dat hoefde ook niet, want Lubbers wilde wel eens bewijzen dat hij ook met de PvdA kon regeren. Zo ontstond het derde kabinet dat zijn naam droeg, met Wim Kok als minister van Financiën en vice-premier. De CDA-leider haalde zich daarbij de woede op de hals van zijn ontdekker Hans van Mierlo, die ook graag mee had willen regeren. Maar Lubbers had D66 niet nodig en wilde koste wat kost voorkomen dat PvdA en D66 (die samen groter waren dat het CDA) tegen hem zouden samenspannen. Vier jaar later nam van Mierlo wraak door succesvol aan te sturen op de totstandkoming van een paars kabinet, zonder de christendemocraten.

Lubbers' derde regeerperiode werd op binnenlands terrein vooral gekenmerkt door ingrepen in de WAO en toenemende wrijving tussen de premier en de CDA-fractieleider in de Tweede Kamer, Elco Brinkman, aanvankelijk door Lubbers nog als 'kroonprins' bestempeld. De interne strubbelingen in het CDA bezorgden de partij bij de Kamerverkiezingen van mei 1994 (met Brinkman als lijsttrekker) een daverend verlies van twintig zetels.

Aftocht

Voor Lubbers zelf was de aftocht uit de Nederlandse politiek allesbehalve glorieus. Zijn gedroomde nieuwe baan, voorzitter van de Europese Commissie, ging aan z'n neus voorbij, vooral door toedoen van de Duitse bondskanselier Helmut Kohl, die Lubbers verre van welgezind was. Een volgende bittere pil was het Amerikaanse veto tegen de kandidatuur van Lubbers als secretaris-generaal van de Navo. De man die Nederland twaalf jaar had geleid, moest genoegen nemen met een positie in de luwte als hoogleraar globalisering in Tilburg.

Volledig scherm
Lubbers als Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen met actrice Angelina Jolie. © EPA

Pas in januari 2001 mocht de vroegere politieke geweldenaar, die in 1995 de eretitel minister van Staat had gekregen, weer een prestigieus podium beklimmen: hij ging aan de slag als Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen (UNHCR) met als standplaats Genève. De bewondering die hij daarbij alom wekte door z'n jaarsalaris van zo'n 300.000 dollar te weigeren (hij was toch al miljonair en wilde niet als zakkenvuller te boek staan, zeker niet in deze functie) werd helaas vier jaar later grotendeels teniet gedaan door de aangifte van een Amerikaanse medewerkster die beweerde dat Lubbers haar bij de heupen zou hebben gevat.

Begin 2005 trad Lubbers vrijwillig terug. Sindsdien was hij nog actief bij een aantal duurzaamheidsclubs. In 2010 was hij nog eenmaal informateur. Hij moest proberen een kabinet te smeden tussen VVD, PvdA, D66 en GroenLinks. Die poging mislukte. Het laatste jaar trad hij steeds minder in de openbaarheid.

Volledig scherm
Voormalig minister-president Ruud Lubbers ontving in het Rotterdamse stadhuis de Van Oldebarneveldpenning uit handen van toenmalig burgemeester Ivo Opstelten. © ANP