Lachende gezichten bij de presentatie van het pensioenakkoord in 2019
Volledig scherm
Lachende gezichten bij de presentatie van het pensioenakkoord in 2019 © Maarten Hartman. foto@maartenhartman.nl.

Vermaledijde rekenrente mogelijk toch op de helling

Bij de uitwerking van het pensioenakkoord wordt alsnog onderzocht of de vermaledijde rekenrente overboord kan. Indexatie van pensioenen is dan plots dichterbij, al worden pensioenaanspraken wel onzekerder.

Wat vorig jaar nog onbespreekbaar leek, gaat mogelijk toch gebeuren: het kabinet en sociale partners bestuderen of er in het nieuwe pensioencontract alsnog afstand kan worden gedaan van de risicovrije rente. Het ministerie van Sociale Zaken bevestigt dat er ‘technische verkenningen’ gaande zijn en dat in een van de denkrichtingen de rekenrente ‘inderdaad geen rol’ speelt.

De lage rente zorgt er momenteel voor dat de financiële gezondheid van pensioenfondsen, uitgedrukt in de dekkingsgraad, al jaren te wensen over laat. Kortingen dreigen en indexatie zit er voor miljoenen deelnemers soms al bijna tien jaar niet in. Het pensioenakkoord dat in 2019 werd afgesloten, moest de ommekeer inluiden, maar dat doel raakt steeds verder uit zicht.

De hoop was dat indien onhaalbare pensioenbeloften losgelaten zouden worden en fondsen tegelijkertijd minder grote buffers aan hoefden te houden, de pensioenuitkeringen weer zouden kunnen stijgen. Maar nu de rente nog verder gedaald is, lijkt die hoop op indexatie ook in een nieuw stelsel te verdampen. Zonder indexatie dreigen de ondertekenaars van het akkoord het draagvlak voor het pensioenakkoord te verliezen. En dus is het heilige huisje dat de risicovrije rente heet niet langer onaantastbaar.

Knappe koppen

In een aparte werkgroep zoeken knappe koppen op dit moment naar een manier om de rentegevoeligheid in het nieuwe pensioenstelsel te verminderen. Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken heeft eerder gesuggereerd dat dit kan door pensioenen individueler te maken, bijvoorbeeld met persoonlijke potjes, maar dat was tegen het zere been van de vakbonden. Die willen dat er een collectieve pensioenpot behouden blijft, waarbij deelnemers solidair zijn met elkaar en er geen geluks- of pechgeneraties ontstaan.

In het nieuwe contract dat uiteindelijk is afgesproken, is de deling van het risico tussen de deelnemers overeind gebleven. De rekenrente echter ook. Het zijn zogezegd communicerende vaten. Daarom valt er met Koolmees tot dusver alleen over aanpassing of afschaffing van de rekenrente te praten, als pensioenaanspraken tegelijkertijd minder zeker worden. Daaraan lijkt hij ook nu vast te houden.

Voor het blok

Daarmee zet hij de sociale partners voor het blok. Er valt met hem te praten over een grotere kans op indexatie door van de rekenrente af te zien, maar dan moeten de bonden ook accepteren dat wie pensioen opbouwt nóg minder zekerheid krijgt over de uitkering die hij of zij later krijgt.

Oppositiepartijen PvdA en GroenLinks zijn er altijd beducht voor geweest dat Koolmees via een achterdeur alsnog tot een individueler pensioenstelsel wil komen, een grote wens van zijn partij D66. Het is dus maar zeer de vraag of dit duo, dat noodzakelijk is voor een meerderheid in de Eerste Kamer, zal kunnen leven met een voorstel dat door de werkgroep op tafel gelegd. Want al vinden alle partijen op het Binnenhof het pensioenstelsel veel te rentegevoelig, een alternatief laat zich niet makkelijk vinden. Anders had het er allang gelegen.