Volledig scherm
Eikenprocessierups op recreatiepark Het Hulsbeek © Carlo ter Ellen DTCT

De eikenprocessierups: we komen er nooit meer vanaf

De eikenprocessierups gaat nooit meer weg. Hoeveel geld overheden ook steken in de bestrijding, het zal niet lukken het beestje volledig uit te roeien.

Veel Twentenaren klagen dat hun gemeente te weinig doet aan de bestrijding van de 'jeukrupsen'. In Almelo werd zelfs een petitie opgesteld om de gemeente te dwingen meer actie te ondernemen.

Maar de Twentse gemeenten houden zich allemaal keurig aan de landelijke richtlijn. Die gaat ervan uit dat het volledig uitroeien van de rups ondoenlijk is. Gemeenten moeten ze wel bestrijden op plaatsen waar veel mensen samenkomen. En dus wordt de bestrijder pas aan het werk gezet als de rupsen al rondkrioelen.

Preventief

Volgens groenbeheerbedrijf Grootgroener uit Almelo is het efficiënter om de eikenprocessierups te bestrijden vóór hij overlast veroorzaakt. Directeur Andre Trip: "Daarvoor hebben we twee methoden. We kunnen voor het voorjaar, als de eitjes nog in de boomtoppen zitten, microscopisch kleine aaltjes in de boom spuiten. Die vreten de eitjes aan en dan krijg je dus geen rupsen.

Wat nog beter werkt: even wachten tot er blad aan de bomen zit. Dat blad bespuiten we dan twee keer met een bacterie. Zodra de rupsjes die bladeren opvreten gaan ze dood, nog voordat ze hun brandhaartjes ontwikkelen."

Krap

Dat die twee methodes nog niet breed worden toegepast, heeft volgens Trip veel te maken met budgetten: "Het budget van groenbeheerders bij de gemeente is meestal krap en als ze dat allemaal moeten uitgeven aan de processierups kunnen ze de rest van het jaar geen leuke dingen meer doen. Maar het is ook van de gekke dat dit op het groenbudget drukt. Die rups is geen probleem voor de eik, die gaat er niet dood van. Maar het is wel een probleem voor de volksgezondheid. Haal daar dan het geld ook vandaan."