De werkoverall aan: daar is helemaal niks mis mee

We zijn een land van managers, maar er is haast niemand meer die de klus klaart. Hoogtijd voor meer waardering voor de werker met de gouden handjes.

De eerste weken van dit nieuwe jaar staan in het teken van de knuffel-mbo’er. Jarenlang verguisd, onbegrepen, ondergewaardeerd, wordt het in deze periode van sterke economische groei tijd geacht voor herwaardering van de mensen met de gouden handjes. In veel nieuwsitems wordt aandacht besteed aan de voordelen van het volgen van een opleiding op mbo-niveau, in plaats van steeds maar massaal voort te ploeteren in kostbare studies die in veel gevallen voor werkloosheid lijken op te leiden. Of waarbij er geen goede aansluiting is met de arbeidsmarkt. Inmiddels krijgen we verhalen over de vele hbo’ers en wo’ers die Nederland rijker en rijker wordt. En dat we inmiddels de benen breken over de managers, maar dat er niemand is die de klus echt klaart. Tegelijkertijd wordt de mbo’er een gouden toekomst voorspeld. Volg een opleiding aan het mbo, dat is het nieuwe devies.

Beloning

Het ware plezierig geweest als deze overweldigende genegenheid een paar jaar geleden al was getoond, want er is inmiddels al een groot tekort aan vakmensen op mbo-niveau. Een groot deel van de problemen zal relatief eenvoudig kunnen worden opgelost door als werkgever en opdrachtgever de knip te trekken. De aantrekkelijkheid van een beroep hangt nu eenmaal in belangrijke mate samen met de beloning.

Toch lijkt het er desondanks op dat de Nederlandse werkgevers er goed aan doen een personeelsfunctionaris te zoeken die één of meer Oost-Europese talen spreekt. Want ondanks de grote werkloosheid blijkt het tot dusverre bepaald niet mee te vallen de eigen bevolking te mobiliseren zich te scholen of om te scholen voor de inmiddels zo gevraagde beroepen. Want er is ook nog die andere waardering, die je als werknemer niet zozeer terugvindt in je salarisstrook. Een waardering, die waarschijnlijk nog wel belangrijker is dan geld om de scholier te stimuleren een opleiding te volgen voor beroepen als automonteur of timmerman.

Kentering

Alle generaties die Nederland nog kent, zijn opgegroeid in de veronderstelling dat een hoge opleiding statusverhogend werkt voor zowel de mensen die de opleiding hebben gevolgd, als degenen die aan de wieg hebben gestaan van dat talent. En dat een hoge opleiding ook welhaast automatisch betekent dat je meer verdient en meer kansen op ontplooiing hebt dan gemiddeld. Dat beeld zal kenteren. We maken nu een periode mee waarin het verwachtingspatroon om door te studeren drastisch moet worden bijgesteld, want hele volksstammen studeren door. Er komen vakmensen die veel meer zullen verdienen dan mensen met een kantoorbaan, die vier jaar langer hebben geleerd c.q. gestudeerd. In New York zijn al jaren voorbeelden bekend van loodgieters en kappers die goud geld verdienen. In Nederland zou dat ook kunnen gebeuren.

Gevolgen

In China zijn naar aanleiding van de éénkindpolitiek systemen ontwikkeld om te onderzoeken waar de interesses van het kind liggen en waar het goed in zou kunnen zijn. Ze halen er daar al vroeg uit wat erin zit. Onze jonge mensen zijn intussen bezig opleidingen te volgen, steeds meer, steeds hoger. Tegelijkertijd zitten honderdduizenden mensen werkloos thuis en toch zitten we te springen om vakmensen. Misschien moeten we de gevolgen daarvan eerst aan den lijve ondervinden. Als de verwarming het een weekje niet doet of als je een jaartje op een verbouwinkje thuis moet wachten, dan zal de waardering voor ‘de gouden handjes’ vast wel weer groeien.

René Rorink is werkzaam als advocaat in Hardenberg.

Volledig scherm
© Carlo ter Ellen DTCT