Volledig scherm
© RS

De queue, echt een keer doen!

Het is 7 uur ‘s ochtends als, plop, de champagne wordt opengetrokken. Op een enorm grasveld naast Wimbledon wachten iedere dag duizenden op een kaartje voor het tennis. Verslag vanuit de wereldberoemde queue.

Door Rik Spekenbrink

Het is hét clichéverhaal van Wimbledon, de queue. De bekendste wachtrij van Engeland en omstreken. Al een paar jaar loop ik er iedere ochtend langs, met mijn accreditatie om de nek, kijkend naar al die mensen die uren en uren geduld hebben om op het beroemdste tennispark ter wereld te komen. Het werd nu tijd om er zelf eens in te gaan staan. Niet alleen voor dit stukkie, ook omdat ik met een iets te grote mond iemand had beloofd dat ik wel een kaartje zou regelen.

Dus daar zat ik vanochtend, in de lege metro van 5.56 uur naar Wimbledon. Bij het verlaten van station Southend zag ik dat ik bepaald niet de enige was met dit briljante idee. Overal op Wimbledon Park Road waren mensen onderweg naar de queue. Stiekem haalde ik nog een mannetje of 10 in, scheelt toch weer, denk je dan.

Totdat je het enorme grasveld ziet. Duizenden mensen waren me voor. Uit honderden tentjes kwamen mensen gekropen, die waren gisteravond al gekomen. Rekken en strekken, tanden poetsen, spullen pakken en nu helemaal vooraan in de rij. Zij maken kans op kaarten voor de showcourts. Naast de tenten stonden al een stuk of 8 rijen van zeker 100 meter lang met vroegere vogels.

Ik krijg een gidsje met de gedragsregels voor de queue (niet naakt recreëren, niet dronken worden) en even later een kaart met een nummer. 5304 staat erop. Het slechte nieuws: 5303 mensen zijn me voor. Het goede nieuws, eerder in de week kwam iemand met nummer 7930 ook nog binnen.

Volledig scherm
© RS

Dus nu kan het Grote Wachten beginnen. Overal om me heen halen mensen kleedjes tevoorschijn en worden campingstoeltjes uitgeklapt. Dat heet voorbereiden. Ik heb alleen twee kranten, een paar chocoladebroodjes en een volle iPad bij me. Goed, eerst maar even koffie halen. ‘Als jullie op mijn tas letten, willen jullie dan een bakkie’, vraag ik aan de moeder en zoon achter me, ook wel bekend als nummer 5305 en 5306. Dat willen ze wel. Een klein uur later (de mobiele espressobar had ook een kleine queue) proosten we met cappuccino, terwijl overal om ons heen - ‘plop’ - de champagneflessen worden opengetrokken. Het is 7 uur ’s ochtends en bijna iedereen op het veld zit aan de alcohol.

Er ontstaat in de loop van de ochtend een festivalsfeer. Er wordt gevoetbald, uit kleine speakertjes klinkt muziek en de tentjes met eten en drinken draaien overuren. Na anderhalf uur schuiven we een paar rijen op, weer anderhalf uur later begint ‘the fun part’ van de queue, zegt één van de honderden ‘honorary steward’ op het terrein.

Dat is het loopgedeelte. Het laatste deel van de rij. Hier kun je tennissen op een miniveldje, zijn er winkeltjes en is de koffie gratis. En dan, na 5 uur en 45 minuten, is het einde in zicht. De tassencontrole en daarachter de kassa’s. Mensen om me heen juichen, ze zijn op Wimbledon! Voor 25 pond hebben ze een ground pass, die toegang geeft tot de bijbanen. En ‘Murray Mountain’ natuurlijk.

In een tijd waarin kaartverkoop voor sportwedstrijden en concerten via een ontransparante internetsites gaat, houden ze hier op Wimbledon vast aan het aloude principe van de rij. Elke dag gaan op deze manier nog duizenden kaarten over de toonbank. De queue, een prachtige traditie.

Volledig scherm
© RS