Cochise Klees
Volledig scherm
PREMIUM
Cochise Klees © Marc Bolsius

De huidige kapper is liever zzp’er, wie wil er nog voor de baas knippen?

Het aantal kapperszaken is in tien jaar met 10.000 gestegen tot 27.000. Het gekke is dat het aantal mensen dat daadwerkelijk knipt amper stijgt, kappers beginnen alleen vaker voor zichzelf. Dat heeft z’n redenen. De traditionele kapsalon lijkt op z’n retour.

‘Het is hier soms net een man cave’
Cochise Klees is pas 21, maar hij heeft al twee jaar een eigen zaak: Native Barbershop, in Waalwijk. ,,Ik wist al heel jong dat ik kapper wilde worden. Op m’n twaalfde knipte ik mijn broertje, toen ik vijftien was hielp ik al mee in een kapperszaak.” Hij wist wel heel zeker dat hij een moderne herenkapper wilde worden, dus voor zijn opleiding ging hij naar de Heads Academy in Amsterdam. Cochise zit helemaal in de hippe hoek, met van die kapsels als in de Netflix-hit Peaky Blinders. ,,Alles met baarden, modeltrimmen, opscheren.”

Inmiddels is zijn zaak uitgebreid met twee zzp’ers. De kappersbusiness loopt uitstekend. Mannen zijn volgens hem zeker ijdeler geworden. ,,Ik heb veel klanten die elke week komen, vooral tegen het weekend. Eventjes alles netjes bijwerken.” Hij ziet het aantal kappers toenemen, maar dat staat niet garant voor kwaliteit. ,,Er komen vooral onervaren kappers bij, die willen er eventjes in springen, maar ze kunnen geen kwaliteit leveren. Die klanten komen dan bij mij klagen.”

Wie op zijn beurt moet wachten, heeft daar meestal geen problemen mee, zegt Cochise. ,,Het is bij ons gewoon chill. Bij ons kun je op je gemak zijn. Je kunt hier ook gewoon nog even blijven zitten om wat te ouwehoeren, een drankje doen. Het is hier net een mancave, de Playboy ligt op tafel.”