Volledig scherm
© BSR Agency

Er liggen volop kansen tegen Japan

Achtste finale WKHet is de dag van Nederland-Japan, de achtste finale van het WK in Frankrijk. Misschien wel de grootste wedstrijd die de voetbalsters van Oranje ooit speelden en dat met minder steun dan in de drie groepsfasewedstrijden. Toch liggen er genoeg kansen tegen het ‘nieuwe’ Japan.

Door Tim Reedijk

Het is niet vreemd dat er vanavond ‘maar’ 2000 Oranjefans komen. Rennes is met afstand het verst rijden vanaf de Nederlandse grens vergeleken met Le Havre, Valenciennes en Reims. Bovendien is dinsdagavond 21.00 uur bepaald niet gunstig. ,,Ik vind het hartstikke fijn dat er 2000 mensen komen’’, zei Daniëlle van de Donk (27) gisteren op haar perspraatje. Dan, met een kwinkslag: ,,Misschien kunnen we elkaar nu wel een keer verstaan op het veld.’’

Bekijk hieronder de laatste aflevering van La Panenka

Quote

Japan was een serieuze kandidaat voor de wereldti­tel. Nu heb ik ze daarover minder gehoord

Sari van Veenendaal

De Oranjevrouwen spelen in elk geval met het vooruitzicht dat plaatsing voor de kwartfinale weer een Nederlandse invasie kan opleveren. Die wordt aanstaande zaterdag gespeeld in Valenciennes, op tweeënhalf uur rijden van Nederland, en dat op zaterdagmiddag om 15.00 uur. Maar eerst wacht met Japan een serieuze kluif. ,,Weer een heel ander soort tegenstander dan we tot nu toe hebben gehad’’, vindt keeper Sari van Veenendaal (29). ,,Technisch heel vaardig.’’

Automatisch wordt bij Japan altijd teruggekeken naar de wedstrijd van vier jaar geleden op het WK van 2015, toen Japan de Leeuwinnen met 2-1 versloeg in de achtste finales. Maar dat is door alles wat er veranderd is geen thema meer, vindt Van Veenendaal. ,,De landen zijn hetzelfde, maar de situatie bij beide teams is compleet veranderd. Wij hebben ons goed ontwikkeld in de afgelopen vier jaar. Japan heeft een flinke verjonging doorgevoerd. Er lopen nog wel een aantal topspelers rond en we moeten er meer in de gaten houden. Het was een serieuze kandidaat voor de wereldtitel. Nu heb ik ze daarover minder gehoord.’’