Volledig scherm

Opinie | Vrijwilligerswerk maakt de samenleving sterk

Twee weken geleden vond in de Enschedese Ontmoetingskerk een bijzondere bijeenkomst plaats onder de naam De kunst van het samenleven. De 150 aanwezigen van Nederlandse en migranten komaf gingen met elkaar in gesprek over 'de kunst van het samenleven' en konden vragen stellen aan enkele aanwezige politici.

Aan de tafel waar ik zat ontstond een boeiend gesprek over vrijwilligerswerk. Het bracht mij op het idee om aan Ayfer Koc, fractievoorzitter van het CDA in Enschede, een vraag te stellen. Zij is Suryoye (Syrisch-orthodox) en afkomstig uit Turkije. Ik vroeg haar: 'Wat is vrijwilligerswerk in het Suryoye of in het Turks?' Tot grote hilariteit van de aanwezigen moest ze het antwoord op de vraag schuldig blijven. Geholpen door andere aanwezigen kwam er toch een antwoord. Het Turkse woord voor vrijwilligerswerk is gönüllü. Maar dat klopt niet helemaal. De letterlijke vertaling van gönüllü is niet 'vrijwilligerswerk', maar 'vrijwillig'.

Onverplicht
Wat is dan het verschil? De officiële definitie van het Nederlandse woord 'vrijwilligerswerk' is: 'Al het werk dat in georganiseerd verband wordt verricht uit vrije wil, onbetaald en onverplicht'. Het verschil zit dus vooral in de aanduiding 'in georganiseerd verband'. Zonder dat verband is het dus wel vrijwillig, maar in Nederlandse termen geen vrijwilligerswérk.

Zes miljoen
Nu is ons land bij uitstek een land van vrijwilligerswerk. Dat komt vooral omdat Nederlanders al decennialang kampioenen zijn geweest om al het werk van vrijwilligers onder te brengen in allerlei instituties. In verenigingen, stichtingen, kerken, sportclubs enzovoorts. Op allerlei gebied zijn vooral na de Tweede Wereldoorlog in ons land organisaties opgericht waaraan mensen zich als vrijwilliger konden verbinden. Op dit moment zijn naar schatting ruim zes miljoen mensen als vrijwilliger voor een bepaalde organisatie actief.

Het hart
Zijn er in de afgelopen decennia in het vrijwilligerswerk ook veranderingen opgetreden? Ik meen van wel. De belangrijkste daarvan noem ik de verschuiving van 'traditioneel' vrijwilligerswerk naar 'instrumenteel' vrijwilligerswerk. Vroeger deden mensen vrijwilligerswerk als een (goed) doel op zich. En de kern daarvan is dat je je uit vrije wil voor iets of iemand inzet. Dáár zit het hart van vrijwilligerswerk. Daar zit ook de grote maatschappelijke waarde die vrijwilligerswerk voor een samenleving heeft. Een niet te onderschatten bindende functie die door al die vrijwilligers gedragen wordt, zonder dat zelf te beseffen. Ons land heeft betaald werk nodig als economisch fundament, maar vrijwilligerswerk geeft ons land het sociale cement, dat misschien nog wel harder nodig is dan we denken 'om de boel bij elkaar te houden'.

Bezwaren
Maar de laatste jaren zien we naast het traditionele vrijwilligerswerk als doel op zich ook steeds meer vrijwilligerswerk ontstaan als middel voor een bepaald doel. Zoals het opdoen van werkervaring, van arbeidsritme, van kennis en sociale vaardigheden en als opstap naar betaald werk. Prima, denk ik, zolang het 'uit vrije wil, onbetaald en onverplicht' is. Daarom heb ik grote bezwaren tegen het vrijwilligerswerk dat door gemeenten als verplichting kan worden opgelegd aan bepaalde uitkeringsgerechtigden als zogenaamde 'maatschappelijke tegenprestatie' voor hun uitkering. 'Verplicht vrijwilligerswerk' is strijdig met de elementaire beginselen waar vrijwilligerswerk voor staat.

De auteur is muzikant, tekstschrijver en componist en actief in de sociaal-culturele sector.