Willem Wilmink: ‘Eindpunt van de trein’ was zijn eigen ‘hoesbreef’

Wie weet waar Willem Wilmink zich het meest thuis voelde? Die vraag is met het verschijnen van z’n biografie voor iedereen beantwoord.

Enschede, 1990, theater Concordia. De voorstelling begint. Bloednerveus zit ik achter de vleugel en zing deze drie regels de uitverkochte zaal in: ‘Het is het eindpunt van de trein / bijna geen mens hoeft er te zijn / bijna geen hond gaat zo ver mee’... Dan stapt een man vanuit de coulissen naar voren en roept in de microfoon: ‘Enschede!’