De oorlog tegen de jeukrups is begonnen (maar we gaan hem niet winnen)

Slecht nieuws voor mensen die vorig jaar gek werden van de jeuk door de eikenprocessierups: de eerste eitjes zijn alweer uitgekomen. Dr. ir. Arnold van Vliet voorspelde een maand geleden tegenover de Stentor al de komst van de rups in deze periode. Het goede nieuws: we zijn beter bewapend voor de strijd tegen de jeukrups.

Van Vliet is werkzaam voor Wageningen University & Research (WUR). Daarnaast is hij voorzitter van Kennisplatform Processierups, dat het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) vorig jaar heeft opgezet. 

Binnen dat platform werken meerdere specialisten op het gebied van de eikenprocessierups samen om de overlast van de ‘jeukrups’ te voorkomen of verminderen.

Leidraad

Gemeenten stemmen de bestrijding van de jeukrups grotendeels af op de  ‘Leidraad eikenprocessierups’ die is opgesteld door het platform. Die leidraad werd gepubliceerd op de sites Nature Today en processierups.nu, waar het Kennisplatform gisteren ook het nieuws naar buiten bracht over het uitkomen van de eerste rupseitjes.

Van Vliet hoopt daarnaast dat gemeenten en andere partijen gaan samenwerken op het gebied van informatieverstrekking en bestrijdingsmethodes. Een mooi voorbeeld is volgens hem de rol die provincie Overijssel op zich heeft genomen door aanpak van de rups door gemeenten te coördineren. Een voorbeeld dat wellicht de provincie Gelderland zal volgen.

Hieronder staat wat jouw gemeente doet aan de overlast. Gemeentes in het rood gebruiken daarbij het giftige middel Xen Tari, die in het groen niet. Door op de gemeente te klikken, wordt de manier van bestrijden zichtbaar.

Quote

Er zijn indicaties dat de rupsen drie jaar in de grond kunnen leven. Zodat ze later alsnog voor een grote uitbraak zorgen’’

Dr. ir. Arnold van Vliet , Wageningen University & Research (WUR)